29 maart 2023

Date

Tot een jaar geleden had ik nog nooit van de Franse schrijver Édouard Louis gehoord, en nu las ik een vierde boek van hem; zie voor de weblogs van die drie eerdere boeken de auteursindex hiernaast. Geschiedenis van geweld is wederom een autobiografische roman, in Frankrijk verschenen in 2016 en zich afspelend in 2014. Na een bezoek aan vrienden op kerstavond wordt de ik-persoon vlakbij zijn huis in Parijs aangesproken door een andere jongeman die erop aandringt met de ik-persoon mee naar binnen te gaan. Dat gebeurt, ze hebben sex, maar snel daarna verandert de houding van de gast, die de ik-persoon vervolgens verkracht en bijna vermoordt. Uiteindelijk gaat de dader ervandoor. Deze gebeurtenis, de gang naar de soa-poli, de politie en het hulp zoeken bij zijn zus en vrienden wordt niet-chronologisch in flarden verteld, grotendeels door de ik-persoon maar deels ook door zijn zus die door hem wordt afgeluisterd terwijl zij het verhaal aan haar vriend vertelt. Dat brokkelige maakt dat je het boek van 200 pagina's in een vloek en een zucht uitleest. Boeiend, soms ook wel erg neurotisch allemaal. Op het achterplat enkele citaten uit recensies. Ik verbaas me enorm over zo'n uitspraak (in De Morgen): 'Wonderboy Édouard Louis laat de Franse literatuur opnieuw op haar grondvesten daveren.'

23 maart 2023

Precair

Dit is voor het eerst dat ik overwoog om over twee gelezen boeken geen weblog te schrijven. Het onderwerp in beide boeken is zo gevoelig dat een onbegrepen woord of zin tot ellende kan leiden. Het gebeurde onlangs Pim Lammers, de kindenboekenschrijver, die door mensen die nooit verder komen dan het lezen van twee zinnen achter elkaar met de dood werd bedreigd om iets wat hij niet bedoelde. Omdat ook deze weblog online komt is het lastig een analyse te geven van deze twee boeken zonder valselijk beschuldigd te worden. Want ik las van kinderboekenschrijver Ted van Lieshout twee boeken voor volwassenen waar vriendschap tussen minder- en meerderjarigen centraal staat. Ik las een zeer positieve recensie van het onlangs verschenen Beitelaar en al googlend leerde ik dat Van Lieshout in 2012 al een roman over een min of meer gelijk onderwerp publiceerde: Mijn meneer. Beide romans zijn gebaseerd op eigen ervaringen, en beide boeken vertellen het verhaal vanuit het perspectief van de jongeling. In Mijn meneer is deze 11, in Beitelaar 15 jaar oud. Gaat de vriendschap in Mijn meneer te ver, is er sprake van aanwijsbare strafbare handelingen, in Beitelaar is het de jongeling die meer wil, terwijl de volwassene er niets van wil weten. Van Lieshout voegt aan Mijn meneer een interessant nawoord toe, waarin hij het gebeurde vanuit zijn (volwassen) optiek beschouwt. De kern: ja, het ging te ver, maar ik heb het toen en ook nadien niet als zodanig ervaren. Enfin, dat is de kracht van literatuur: die dwingt tot nadenken, positie bepalen, reflectie. Niet om de huidige communis opinio te veranderen. Maar altijd goed om die opnieuw te bekijken en te bevestigen. Beitelaar is overigens veel meer interessant dan alleen die relatie tussen de jongere en oudere. Het is een prachtige, veelgelaagde roman over verleden en heden, zich afspelend op en rondom een kerkhof.

06 maart 2023

Geld

De serie privé-domein breidt af en toe uit met delen die je niet aan je voorbij kan laten gaan, ook al heb je van de betreffende schrijver (nog) nooit iets gelezen. Ik wist helemaal niets van de Franse dichter Charles Baudelaire (1821-1867) maar een goede recensie van Mijn hoofd is een zieke vulkaan. Brieven wakkerde mijn interesse aan. Het is een prachtig boek, deze selectie brieven vertaald en bezorgd door Kiki Coumans. Baudelaire's vader overleed toen hij vijf jaar was, zijn moeder hertrouwde en toen hij meerderjarig werd begon hij zijn erfenisdeel er in hoog tempo doorheen te jagen. Ook werd hij niet de nette burgerman met een mooie carrière die zijn moeder, stiefvader en broer graag wilden, maar een in hun ogen spilzieke dandy in Parijs. Al snel werd hij door zijn moeder onder curatele gesteld, waar hij tot zijn vroege dood vreselijk onder geleden heeft. Veel van zijn brieven gaan dan ook over geld en de beperkingen die het tekort daaraan tot gevolg had. Wanneer hij in 1857 Les Fleurs du Mal publiceert is het schandaal geboren en zijn er ineens ook brieven van en aan Flaubert, Hugo, Manet en zelfs Wagner. Een mooie verzameling die je een goed beeld geven van deze eigenzinnige dichter. Ik ben geen gedichtenlezer, maar heb de vertaling van Les Fleurs du Mal wel onlangs gekocht.