Sinds 1989 houd ik een boekendagboek bij. Eerst op systeemkaartjes, daarna in een schrift. En sinds 2005 hier als weblog.
13 juni 2015
Storm in een glas wijn
Wijnboer en wijnschrijver Ilja Gort begaf zich een paar jaar geleden op het pad der fictie (zie hier) en nu een vervolg met een 500 pagina's dikke thriller. Château Fatale is een recht-toe-recht-aan thriller waarin de drugs- en wijnmaffia in de Provence bestreden wordt door een journaliste, een wijnboer en een bekeerde crimineel. Uiteraard loopt het af zoals je verwacht, maar Gort maakt er een bonte toestand van. Hij heeft zich grondig verdiept in wapens, want hij laat zijn personages kennis over wapentypes en hun specifieke eigenschappen uitdragen die niet iedereen in huis heeft. Het boek is vooral grappig door de vergelijkingen. Ik heb er soms flink om moeten lachen: Haar 'executive room' had het formaat van een ruim uitgevallen toilet en was voorzien van het soort meubilair waar zelfs de kringloopwinkel zijn neus voor zou ophalen. (...) De bak van de douchecabine was zo dik begroeid met schimmel dat je er met succes champignons in zou kunnen kweken. Of deze: De vislucht vermengde zich nu met een zware zweetlucht en een knoflookadem waar je plakken van kon snijden. Nog eentje: Zijn tanden stonden in zijn mond als de deurtjes van een keukenkastje waarvan de scharnieren het hadden begeven. De laatste dan, ook leuk: Die nacht bedreven zij de liefde op een bewonderenswaardig onhoorbare manier. Onhoorbaar, maar met een intensiteit die de aarde beslist enkele centimeters uit haar baan gebracht moet hebben.
27 mei 2015
Het been
De vaderlandse literatuur blijkt regelmatig in staat tot verrassingen die de lezer tot gelukzaligheid stemmen. Enfin, vorig jaar de Libris literatuurprijs, wat mij eigenlijk weerhoudt tot nieuwsgierigheid, maar La Superba van Ilja Leonard Pfeijffer is een regelrecht meesterwerk dat je als lezer flink te grazen neemt. Op het titelblad staat 'Een roman', maar is het dat wel? Waarheid en verdichting wisselen stuivertje en houden de aandacht voortdurend vast. Maar bovenal is het een boek vol prachtige zinnen, vol heerlijke (en soms ook: huiveringwekkende) beschrijvingen en vol rake observaties. La Superba is de bijnaam van de stad Genua, waar Pfeijffer in verzeild raakte en bleef wonen. Ik ken geen ander boek waarin de Italiaanse volksaard zo zwierig wordt beschreven. Van het Come si deve (alles hoort te zijn zoals het hoort), het voetballen (Genua heeft twee voetbalclubs), de corruptie, de uittocht naar La Merica, de pleintjes en stegen. En dan zo'n uitspraak dat er oude, verlepte vrouwen in Genua hoopten dat de stad na een lange belegering eindelijk zou vallen: hunkerend naar die verkrachtende woeste, stoere mannen... Pfeijffer gooit allerlei verhaallijnen als een bord spagetti over de lezer uit, maar uiteindelijk knoopt hij die toch aardig goed aan elkaar. Dat is eigenlijk geen noodzaak, want de couleur locale is te divers en te kleurrijk om in één geheel te vangen. En wie wil snappen wat al die bootvluchtelingen uit Afrika beweegt: Pfeijffer overtroeft alle journalistiek hieromtrent. Ach ja, een boek dat me de tijd deed vergeten. Grandioos. Superb!
18 mei 2015
En nog wat
De meeste bundels van Karel van het Reve heb ik inmiddels wel gelezen, denk ik. Ik las de meeste nog voordat ik aan deze weblog begon, dus veel zul je er hier dus niet over vinden. Wel een tweetal. Freud, Stalin en Dostojevski ontbrak nog aan de verzameling. Het boek dateert uit het najaar van 1982 en bevat allerlei stukken waarin Freud relatief veel aandacht krijgt. Van het Reve maakt het de 21ste-eeuwse lezer niet gemakkelijk. Hij citeert hele alinea's van Freud, onvertaald. Misschien was de leesvaardigheid in het Duits dertig jaar geleden bij iedereen die Van het Reve las optimaal, bij mij zeker niet. Maar goed, daaromheen veel kenmerkende Van het Reve-stukken waarin hij zijn eigenzinnigheid de vrije loop laat. Van het Reve was een felle tegenstander van het Sovjet-regime, en dat gold indertijd als rechts. Hoe normaal klinken zijn meningen nu; maar in de jaren zeventig en tachtig waren die allerminst gemeengoed. Het aardigste stuk in deze bundel is zijn dankwoord bij het aanvaarden van de P.C. Hooftprijs: een fraaie kijk op het kunstbeleid van links.
04 mei 2015
Gelijkheid
Uit de stal van webkrant De correspondent komen twee economische filosofen (of filosofische economen) Rutger Bregman en Jesse Frederik die met hun essay met de aansprekende titel Waarom vuilnismannen meer verdienen dan bankers onbedoeld maar succesvol meeliften op de aandacht die het bankwezen en het financiële systeem deze tijd hebben. Het kapitaalboek van de Fransman Thomas Piketty, het bankenboekje van Joris Luyendijk (zie hier) en de bonusblunders van ING en ABNAmro hebben een butsje geslagen in het vrije-marktdenken. Bregman en Frederik kennen hun klassiekers en maken duidelijk dat de welvaartsverdeling geen gelijkenis (meer) vertoont met wie al werkend het meeste bijdraagt aan de samenleving. Een handelaar op de beurs die voortdurend met grote bedragen schuift, draagt niets bij aan de vooruitgang, terwijl de leraar of de verpleegkundige nauwelijks kunnen rondkomen ondanks dat zij wél nuttig werk verrichten. Verder maken de schrijvers een pijnlijke vergelijking tussen wat de liberalen (de VVD) nu roepen en wat hun voorvaderen uit de negentiende en begin van de vorige eeuw betoogden. Mark Rutte noemde de vorige liberale minister-president Cort van der Linden zijn grote voorbeeld, maar wat de VVD voorstaat is veelal tegengesteld aan wat Van der Linden vond en schreef. Bregman en Frederik hebben diens geschriften nauwkeurig gelezen; dat zou Rutte ook eens moeten doen. Verder gaan de schrijvers uitgebreid in op de solistische politiek van Lieftinck, direct na de Tweede Wereldoorlog. Enfin, een essay met een groot bereik, maar het zet de lezer aardig aan het denken. En dit boekje is een hoopvol voorbeeld van een verfrissende kijk op de economie die flinke kanttekeningen plaatst bij het oude links-rechtsdenken.
27 april 2015
Mieren
Het schijnt de literaire hit van dit voorjaar te zijn, in Nederland althans. Het verschijnen van de vertaling van De Patrick Melrose romans, in één dik boek, ging in de pers bepaald niet ongemerkt voorbij. Ik miste die aandacht, maar werd door een vriend op het boek gewezen. Ik las de ruim 800 bladzijden in ruim twee weken. Het boek bevat fantastische passages, maar ook stukken die me haast deden besluiten ermee te stoppen. Edward St Aubyn publiceerde de vijf romans in dit boek tussen 1992 en 2011 en schetste daarin de vrije val van zijn alter ego Patrick. In het eerste boek speelt Patrick slechts een bescheiden rol, maar wat zijn vader David hem aandoet vormt de basis voor alle ellende die in de vervolgdelen voorbijkomt. Behoren zijn ouders tot de steenrijke Engelse bovenlaag, in het laatste deel woont Patrick - ongeveer 40 jaar later - in een eenkamerappartementje. Op de eerste pagina beschrijft St Aubyn een voor Patricks vader David karakteristieke bezigheid: hij staat in zijn ochtendjas op het terras van zijn villa in Zuid-Frankrijk met een tuinslang de mieren tussen de tegels weg te spuiten. Daarbij legt hij een sadistische techniek aan de dag; zoals een kat met een muis omgaat. Karakteristiek: want zo gaat David ook met zijn vrouw en zoon om, zo blijkt in het vervolg van de romans. En dat tekent hun leven. Er komen maar weinig aardige mensen voor in deze romans. Weinig opwekkend, ofschoon de verbale oorlogen waarin de hoofdpersonen permanent verkeren bijzonder lezenswaardig zijn.
26 april 2015
Tournee
In 2013 bestond het Koninklijk Concertgebouworkest 125 jaar, en ter gelegenheid daarvan speelde het orkest dat jaar vooral in het buitenland. Het orkest speelde concerten op alle continenten; van New York tot Sydney, en van Kaapstad tot Tokyo. De jonge schrijfster Judith van der Wel mocht mee op alle reizen, en sprak met orkestleden, staf en de chefdirigent. Stemmen. Het geheim van het Koninklijk Concertgebouworkest is een geslaagd boek waarin dat geheim van het orkest opvallend goed wordt onthuld. Niet eerder las ik een boek of artikelen over het KCO waarin de geschiedenis, cultuur en eigenaardigheden van het orkest met zulk een kennis van zaken worden besproken. Van der Wel heeft zich duidelijk goed ingelezen in haar onderzoeksonderwerp en van daaruit met orkestleden gesproken. Ze behandelt de verschillende orkestgroepen en hun specifieke karakter, alsook die van de dirigent en de organsiatie rondom het orkest. Ondertussen kom je veel te weten over de status van het orkest anno 2013, de druk van de tournees, en uiteindelijk ook de aankondiging van het vertrek van Jansons en de aanstelling van Gatti. Jammer dat Van der Wel niet het conflict met Haitink bespreekt; want dat conflict vond zijn oorsprong in de activiteiten tijdens het jubileumjaar. Maar misschien was ze teveel verschuldigd aan de directie van het orkest, met wie Haitink immers overhoop ligt. Maar goed, voor de rest een zeer leesbaar en informatief boek.
18 april 2015
From Russia
Sinds MH17 kijken we in Nederland opeens veel kritischer naar Rusland dan daarvoor. MH17 was een verschrikkelijk incident, maar wel een (gruwelijk) incident. Dat het Rusland van Poetin ook daarvoor al een discutabele status had, vermoedden velen misschien al maar werd niet glashard toegegeven. Niets is waar en alles is mogelijk. Het surrealistiusche hart van het nieuwe Rusland biedt een interessante, maar eigenlijk weinig verbazingwekkende kijk op de dictatuur in democratische kleren van Vladimir Poetin. Peter Pomerantsev is een Engelsman met een Russische naam, wat het hem makkelijk maakte ruim tien jaar lang een carrière op te bouwen bij de Russische televisie en zo van binnenuit mee te maken hoe de Poetin-kliek de werkelijkheid naar zich toetrok. Dit boek maakt duidelijk hoe een dictatuur óók kan zijn: van buitenaf lijkend op een democratie, maar in feite volledig georganiseerd en gecontroleerd. Zo slim en logisch hoefden andere dicaturen het nog niet te spelen, maar Poetin c.s. voegen een nieuw hoofdstuk aan het dicatoriale handboek toe. Zelfs de oppositie is zodanig georganiseerd dat Poetin de enige verstandige politicus lijkt. Pomerantsev ruimt naar mijn gevoel teveel ruimte in voor persoonlijke verhalen die zijn hoofdboodschap niet of nauwelijks ondersteunen. Maar desondanks is dit boek een must read voor wie wil snappen hoe Poetin zijn volk bedondert, en hoe hij er ook in het Westen nog te vaak mee wegkomt.
30 maart 2015
Witte oorlog
Het was een nog volledig blinde vlek in mijn kennis van de geschiedenis: de boerenoorlog die tussen 1899 en 1902 in Zuid-Afrika werd uitgevochten. De van Nederlanders afstammende Boeren vochten er om de hegemonie tegen de Engelsen. De Boeren vanuit hun thuisstaten Transvaal en Oranje Vrijstaat, en de Engelsen vanuit de Kaapkolonie. Martin Bossenbroek schreef een bejubeld en prijzen winnend boek over De Boerenoorlog. Hoe inzichtelijk die oorlog voor de lezer uiteindelijk ook wordt, heel uitzonderlijk vond ik het boek zeker niet. Bossenbroek deelde zijn verhaal op in drie delen, en in ieder deel wordt de chronologie beschreven met één figuur als centrale persoon. In het eerste deel de Nederlandse jurist Willem Leyds, die in Zuid-Afrika de rechterhand wordt van de 'boerenpresident' Paul Kruger. In het tweede deel volgen we de jonge ambitieuze Winston Churchill, die als journalist en opportunist met veel bravoure en geluk overal doorheen fietst. Het derde deel draait om de twintiger Deneys Reitz die met een groepje boeren een guerrillaoorlog probeert staande te houden. Door die perspectiefwisselingen ontbreekt een coherent opgebouwd verhaal waarin alle facetten van de oorlog het juiste gewicht krijgen. Sommige confrontaties tussen de boeren en de Engelsen worden in anderhalve regel afgehandeld, terwijl het oversteken van een rivier door opgejaagde boeren soms meer dan een pagina toebedeeld krijgt. In het eerste deel gaat het pagina's lang over de trajectkeuze, aanbesteding en aanleg van spoorlijnen, terwijl die aanbestedingen zelf er in de aanloop tot die oorlog niet toe doen (de spoorlijnen zelf later zeker wel). Het zal te maken hebben met de bronnen die Bossenbroek heeft gebruikt (overgeleverde dagboeken) alsook zijn keuze om het verhaal wat te kruiden met stoere passages. Het boek leest als een trein, en je komt voldoende over die witte oorlog in zwart Afrika te weten, maar ik heb overtuigender oorlogsbeschrijvingen gelezen.
27 maart 2015
Uitzondering
Via onverwachte kanalen werd mij aanbevolen Satyrica te lezen, een schelmenroman uit het oude Rome. De roman wordt toegeschreven aan Petronius (of volledig: Gaius Petronius Arbiter) die leefde van 27 tot 65 n.Chr. en die, net als Seneca in datzelfde jaar, door keizer Nero tot zeldmoord werd gedwongen. Wat er van Satyrica is overgeleverd, schijnt slechts een klein deel van het geheel te zijn. Vaak zitten er gaten in het verhaal, maar vertaler Vincent Hunink weet in de toelichtingen toch veel te verhelderen. Satyrica is bijzonder omdat de drie hoofdpersonen - in tegenstelling tot bijna alle andere werken uit de romeinse oudheid - uit de lagere regionen van de maatschappij afkomstig zijn; liederlijk gedrag en (homo)seksualiteit, dan wel de impotentie van de verteller Encolpius, spat van bijna iedere pagina. De drie hoofdpersonen zijn bepaald geen lieverdjes; je waant je soms in de achterbuurten van Rome. Dit is bepaald geen lekkerlezenboek, maar wel een heel bijzondere roman.
15 maart 2015
Boekenweek 2015
Boekenweekgeschenken zijn vaak zes-en-halfjes: voldoende maar niet meer dan dat. Het geschenk van vorig jaar van Tommy Wieringa voldeed hier precies aan (zie hier de weblog) en die van 2013 van Kees van Kooten vond ik ronduit vervelend (zie hier). Dimitri Verhulst mocht het boekenweekgeschenk voor dit jaar schrijven, en ofschoon het geen hoogtepunt in zijn oeuvre is, leest De zomer hou je ook niet tegen vlot weg en bevat het veel fraais. De verhaallijn is wat gekunsteld: de ontvoering van de gehandicapte Sonny is eigenlijk niets meer dan een kapstok om de ik-figuur zijn relaas te laten vertellen. Maar goed, dat relaas is boeiend genoeg en is vooral mooi opgeschreven. Het taalgebruik van Verhulst is prachtig; de weelderige vorm maakt veel goed van de wat rechtlijnige inhoud. Gemiddeld genomen meer dan die zes-en-half.
11 maart 2015
Roes
Er zijn van die boeken waar iedereen enthousiast over is, maar waar je zelf helemaal niks mee hebt en die je doen twijfelen aan je literaire smaak. De eerste twee pagina's van Naar de overkant van de nacht staan vol met superlatieven, gehaald uit krantenrecensies of uitgesproken door literaire giganten en kenners als Kluun, Tros Nieuwsshow en Maartje Wortel. Enfin, ik las al een tweetal andere boeken van Jan van Mersbergen (zie de auteursindex) en die vond ik best stemmig en hadden een eigen klankkleur. Zo ook deze kleine roman uit 2011, waar ik echter helemaal geen plezier aan heb beleefd. Omdat het zo'n kleine roman is, heb ik het uitgelezen. De ik-figuur heeft zich in het carnavalsgedruis gestort en ondanks, of misschien wel dankzij de oplopende teller aan gedronken glazen bier komen er allerlei herinneringen of losse gedachten aan zijn jeugd- en latere liefde en haar kinderen op. Ook zijn schippersachtergrond spreekt een woordje mee. Korte zinnen en korte alinea's, voortdurende perspectiefwisselingen, volkomen spanningsloze voortgang...: nee helaas, met dit boek kreeg ik geen enkel contact.
06 maart 2015
Op pad
Deze weblog bestond pas een maand toen ik twee boeken van Bob den Uyl beschreef; mijn eerste kennismaking met deze in 1992 overleden schrijver. Zie hier die weblog uit december 2005. Pas nu kwam ik tot een volgend boek van deze grootse verhalenschrijver. Het reizen vereist sterke zenuwen is een bloemlezing uit zijn reisliteratuur en bevat eigenlijk louter heerlijke pagina's. Er gaat van alles mis op zijn tochten, en de plaatsen die hij bezoekt, de hotels waar hij in verblijft of de mensen die hij ontmoet stemmen hem doorgaans niet vrolijker. Maar toch laat hij zich niet kisten en gaat hij vol goede moed en licht-melancholisch gestemd verder op reis. De wijze waarop Den Uyl zijn verhalen opbouwt heb ik uitgebreid in die andere weblog beschreven, ofschoon het freewheelend ouwehoeren in deze verhalen minder aanwezig is. Maar goed, lekker uitweiden is aan hem wel besteed, en dit alles in zeer verzorgde en evenwichtige taal. Zijn zinnen zijn een genot om te lezen. Een uitspraak als 'een glas bier van troostende omvang' maakt mijn dag helemaal goed. Het halve boek is citaatwaardig, maar volgende passage over de brandveiligheid in hotels is Bob den Uyl ten voeten uit: Heel verdacht is natuurlijk wanneer er een lange lijst aan je kamerdeur geprikt zit met voorschriften hoe te handelen in geval van uitslaande brand. Als eerste punt staat er steevast dat je absoluut niet in paniek mag raken. Je mag levend geroosterd worden, je mag van tien hoog op het plaveisel te pletter slaan, alles vindt de hoteldirectie best, zolang je maar niet in paniek raakt. In plaats daarvan dient men kalm de telefoon op te nemen en de directie op fluistertoon te waarschuwen dat het hotel helaas in lichtelaaie staat maar dat verder alles rustig is. Daarna begeeft men zich, nog steeds ijzig kalm, naar buiten, waar de behulpzame brandweer al gereedstaat met rodekruisdekens en kommen hete soep. Dit boek is het enige van Bob den Uyl dat leverbaar is. Al zijn andere boeken zijn slechts antiquarisch op te sporen. Ik ga dat subiet doen. Maar het is hoogste tijd voor een Verzameld Werk en een Bob den Uyl-revival!
27 februari 2015
Moeder
De aansprekers was één van de eerste boeken die ik van Maarten 't Hart las. Wat ik me ervan herinner is dat het een half thrillerachtige roman was waarin de dood van zijn vader een rol speelde. In 2012 overleed zijn moeder, ruim 90 jaar oud en bijna 40 jaar na de dood van haar man. Magdalena is een verrukkelijk boek waarin zijn moeder centraal staat; en soms ook zijn vader. Tegelijkertijd is het een halve autobiografie van Maarten 't Hart zelf en dan vooral hoe hij zich losmaakte van zijn eenzelvige moeder die - meer dan zijn vader - streng in de leer was. Deze Lena was bepaald geen vrolijke vrouw: achterdochtig, zeurderig, streng en kwebbelziek. Maar 't Hart doet haar geen onrecht: hij beschrijft uitgebreid haar conversaties, en daarin klinkt ook oerhollandse frisheid in door. Het geloof speelt een grote rol in dit boek, en ofschoon 't Hart al in meerdere boeken daarmee heeft afgerekend, bevat dit boek weer nieuwe inzichten en rake uitspraken. Wat dit boek bovenal onweerstaanbaar maakt is dat oerhollandse karakter ervan. Ik denk dat dit boek nauwelijks te vertalen is. Het bevat uitspraken 'die geen schrijver bedenken kan', zoals Reve ooit schreef. Tja, familieleden als Leen, Teun, Siem, Cor, Aad en Bep, dominees, tuinders, tegenwind, rijstepap, psalmgezang en potjes dammen. Vertaal dat nu eens in het Frans... Een leuke promo waarin Maarten 't Hart de eerste anderhalve pagina van het boek voorleest zie je hier.
24 februari 2015
Geld
Iedereen leefde gewoon zijn dagelijks leven en had niks door (ikzelf ook), maar als er één moment was sinds de Tweede Wereldoorlog of de Cubacrisis waar het gewone leven aan een zijden draad hing, dan was het wel najaar 2008. Het had zomaar kunnen gebeuren: het hele financiële en economische systeem ingestort, alle spaartegoeden verdampt, de bevoorrading van supermarkten acuut beëindigd en iedereen met onbetaald verlof. Alleen wie bij de grote banken werkte had het door. Het erge is, blijkt uit het schokkende en onthullende nieuwe boek van Joris Luyendijk, dat deze rampspoed over één minuut, morgen, volgende week donderdag of komende maand opnieuw kan gebeuren, en dan misschien wel zo verwoestend als in 2008 net níet gebeurde. Dit kan niet waar zijn. Onder bankiers is het resultaat van vele code of silence interviews in de Londense City. En de titel is geenszins overdreven. Er is geen enkele rem op alle ingrediënten die een totale financiële crash mogelijk maken. We maken ons druk om een paar onthoofdingen, hoe verschrikkelijk ook. Maar het echte ontwrichtende en levensbedreigende gevaar heet niet IS of boko haram, of islam, maar heet City Group, ING, Goldman Sachs, PwC enzovoort. Ik ben geen angsthaas, maar moge de boodschap van dit boek, uitgesproken door de insiders zelf, niet uitkomen...
21 februari 2015
Zweden
IJsland, de voorlaatste roman van Ronald Giphart heb ik vooralsnog gemist, maar van zijn eerdere romans heb ik de meeste wel gelezen, en niet zonder plezier. Onlangs verscheen Harem, en deze nieuwste roman is een rijper boek dan zijn voorgangers. Heden en verleden zijn fraai verweven, en de harem van Mac - de hoofdpersoon van het verhaal - ontwikkelt zich als een logisch organisme. Giphart analyseert in deze roman de geheimen van de fotografie zoals hij in 2005 in de roman Troost die van de haut cuisine uiteenrafelde. En dit alles in een vlot lezend en fraai geconstrueerd verhaal; best knap. Harem is geen hoogtepunt in de Nederlandse romankunst, maar het is wel een lekker leesboek zonder al te veel Hollandse kneuterigheid. Het speelt dan ook niet voor niets in Zweden.
11 februari 2015
Weemoed
Ooit leende iemand mij Die Welt von Gestern van Stefan Zweig; dat moest ik lezen. Ik verloor die persoon uit het oog en het boek staat nog steeds ergens op een plank op teruggave te wachten. Onlangs kocht ik toch maar de vertaling. De wereld van gisteren is een prachtig boek waarin Zweig in 1941, een jaar voordat hij zelfmoord pleegde, terugkijkt op zijn leven. Hij was voor de nazi's gevlucht naar Brazilië en schreef daar louter vanuit zijn geheugen deze zeer gedetailleerde autobiografie. Zweig stamt uit een rijke joodse Oostenrijkse familie, en ontwikkelde zich tot een veelgelezen schrijver, humanist en kunstliefhebber. De periode tot de Eerste Wereldoorlog worden door Zweig met de grootste weemoed beschreven, echter zonder zwijmelarij. Uiterst precies beschrijft hij hoe de maatschappij in elkaar stak: familierelaties, het onderwijssysteem, het opgroeien van de jeugd, politiek. De Eerste Wereldoorlog, het herstel erna en de nakende afgrond van het nazidom: Zweig legt verbanden en geeft inzichten die je niet vaak tegenkomt bij 'deelnemers' aan deze perioden. Over zijn twee huwelijken vertelt hij nauwelijks iets; des te meer over zijn vriendschappen met kunstenaars. Hij kende het puikje van de kunstenaarswereld; bijzonder boeiend vond ik zijn verhaal over zijn samenwerking met Richard Strauss. Na de dood van Hugo von Hoffmansthal die meerdere libretti voor Strauss schreef, kreeg Zweig het verzoek om er eentje aan te leveren. Dat leidde tot een hechte samenwerking. Toen de opera Die sweigsame Frau gereed was, en door de opera van Dresden werd aangekondigd, kwamen de nazi's aan de macht. En die opera vonden de nazi's lastig: een opera van de grote Strauss waar het libretto door een jood geschreven was. Enfin, Zweig vertelt er zowel gniffelend als treurig over. Zelf was Zweig een succesvol schrijver; zijn boeken gingen met tienduizenden tegelijk over de toonbank. Die zelfmoord blijft knagen: wat als Zweig een jaar of wat had doorgezet? Wellicht had hij dan weer nieuwe hoop gekregen. Hoe dan ook een auteur om verder te ontdekken (zijn Schaaknovelle was ook al zo prachtig, zie hier de weblog ervan). Niet onbelangrijk: de stijl van Zweig is fenomenaal: lange, vloeiende en afgewogen zinnen die de ernst en kracht van de inhoud extra onderstrepen. Een onzettend rijk boek, onmogelijk kort samen te vatten.
02 februari 2015
Drugs & Seks
Ik las, denk ik, nooit eeder zo'n even onbegrijpelijk als fascinerend boek als Naakte lunch van William S. Burroughs. Als je zijn naam googelt en dan de afbeeldingen bekijkt, dan zie een een pagina vol foto's van een oude, ietwat verlopen, maar verder wat stijve man. Dat beeld correspondeert geenszins met dit boek, dat grotendeels autobiografisch gebaseerd is. Het boek is een plotloze verzameling scènes waarin harddrugs en (veelal masochistische) (homo)sex centraal staan. Sommige stukken lezen als geschreven tijdens een delirium, en wie allereerst structuur zoekt in de teksten die hij leest (zoals ik), heeft het soms heel moeilijk met dit boek. Maar anderzijds fascineert het door zijn werkelijk atypische karakter; nog nooit las ik zo'n ongemakkelijk en vreemd boek. Deze uitgave opent met een lange beschouwing van de bezorgers, die vertellen dat er in de jaren vijftig oneindig aan gesleuteld is, zowel voor, tijdens als na de debuutuitgave in 1959. Dat sleutelen veronderstelt een structuur en subtiliteit die ik er niet uithaalde. Maar dat ligt vast en zeker aan mij.
30 januari 2015
Held
Bijna exact een jaar geleden las ik de zeer geslaagde biografie van Koning Willem I van Jeroen Koch, zie hier de weblog daarvan. Pas een jaar later het vervolg in dit drieluik van koningsbiografieën. Koning Willem II. 1792-1849 is een zo mogelijk nog betere biografie van deze koning die slechts een kleine negen jaar ons land regeerde. Maar de impact van zijn korte regeerperiode was waarschijnlijk groter dan die van zijn vader en zoon die beiden meerdere decennia op de troon zaten. Zijn schoondochter, de eerste vrouw van Koning Willem III, de fijnzinnige Sophie van Wurtemberg, wordt door Jeroen van Zanten treffend aangehaald: 'Twinting jaar na zijn dood tekende de vrouw van zijn oudste zoon, Sophie van Wurtemberg, in haar memoires op dat het 'horloge' van haar schoonvader 'op 19 juni 1815' was gestopt met lopen. 'De grote indrukken van zijn jeugd waren gefixeerd' en 'diep in hem doorgedrongen.' Sophie zag het scherp. Voor haar schoonvader bestond er een leven voor en een leven na Waterloo. En inderdaad, Waterloo vormde een waterscheiding in zijn leven. Ervoor was hij een heuse held, strijdend in Spanje (aan de zijde van lord Wellington) en in juni 1815 op (toen nog) eigen grondgebied bij Quatre-Bras en Waterloo tegen Napoleons troepen. Hij verrichtte in het heetst van de strijd heldhaftige daden, werd er meerdere keren een paard onder hem weggeschoten en ging hij de strijders voor in de aanval. Tja, zulke kroonprinsen hebben we lang niet gehad. Na Waterloo moest hij nog 25 jaar wachten tot hij tot koning gekroond werd, steeds in onmin levend en zich verzoenend met zijn vader Koning Willem I. Bij verschijnen van deze biografie werd veel nadruk gelegd op zijn vermeende homoseksualiteit, maar Van Zanten beschrijft het allemaal heel genuanceerd. Willem studeerde een poos in Oxford, en had daar waarschijnlijk de innige student-broederschap leren kennen, waar af en toe ook de kleren bij uitgingen. Maar Willem was ook een vrouwenversierder. En veel bewijzen over mannenvriendschappen zijn er niet; wel dat hij regelmatig doelwit van chantage was. Ondertussen was hij ook heel gelukkig getrouwd met Anna Paulowna. De wijze waarop zijn vader Willem wilde koppelen aan de Engelse kroonprinses en hoe deze zich tegen wil en dank zijn best deed hierbij zijn vader ter wille te zijn, behoort tot de meest interessante delen van dit boek. Hoe fragiel kan een vader-zoonrelatie zijn! De eerste helft van deze biografie (tot 1815) leest als een spannend jongensboek; de tweede helft is dan automatisch wat weerbarstiger. Maar goed: Willem reed in 1830 op zijn paard het opstandige Brussel binnen - ook spannend. Hij zag het wel zitten: koning van het vrijgevochten België en te zijner tijd, na de dood van Willem I, beide landen weer verenigend... Het liep allemaal anders. Daarna de langzame gang naar de ingrijpende staatshervorming, die nog steeds de basis van ons huidige staatsbestel vormt. Bijzonder interessant. Al die rare ministers, en die eigenzinnige Thorbecke... Ik las dit dikke boek in een kleine twee weken uit. Het zegt genoeg over de kwaliteit ervan.
28 januari 2015
Eenzaamheid
In 2013 las ik twee delen van de Adrian Mole-serie van Sue Townsend; in 2014 geen een. Nu aan het begin van het jaar dan toch het zesde deel, grotendeels op 11 kilometer hoogte. The lost diaries of Adrian Mole 1999-2001 beschrijft niet het meest vrolijke deel uit Adrians leven. Opgescheept met twee zoons van 7 en 13, sex- en werkloos en zichzelf overschattend, rijgt Adrian dag aan dag. Zijn ouders, Pandora, de politiek en wat er verder in de wereld gebeurt houden Adrian flink bezig, en zijn eigenzinnige, wereldvreemde maar soms messcherpe commentaar op alles wat er om hem heen plaatsvindt, zijn een lust om te lezen. Sue Townsend overleed april 2014; met deze Adrian Mole-serie bleek ze vernieuwend en deel voor deel onweerstaanbaar grappig. Er zijn er nog meer!
En o ja, het is slechts een getal. Maar sinds ik in januari 1989 mijn gelezen boeken begon bij te houden (zie hier en vooral hier hoe en wat) is dit boek het 1000ste.
En o ja, het is slechts een getal. Maar sinds ik in januari 1989 mijn gelezen boeken begon bij te houden (zie hier en vooral hier hoe en wat) is dit boek het 1000ste.
27 januari 2015
Plant en paus
Wederom een boekje dat lang op het bekende plankje stond (bijna vijf jaar) - ik las het binnen 24 uur uit. In De tuinen van Bomarzo gaat Hella Haasse op zoek naar de geschiedenis achter het geheimzinnige park Bomarzo nabij het Italiaanse dorpje Viterbo. Ze belandt in haar zoektocht in een 15e en 16e eeuwse familiegeschiedenis die veel weg heeft van een detective, vol roddel en achterklap. En dat zich afspelend in de hoogste kringen: pausen en kroonprins-pausen, hun maîtresses, vaders, broers enzovoort. Ofwel: de renaissance op zijn hoogtepunt met een tuin als statussymbool en als vluchtobject. Haasse schrijft in dit boekje uit 1968 op haar vloeiendst. De eruditie spat van de pagina's af, en daar waar ze slechts vermoedens heeft (heel dikwijls), steekt ze dat niet onder stoelen of banken. Het is verslavend proza, ook al snapte ik niet alles wat Haasse schreef. Ik begon eraan op nieuwjaarsochtend in het hotel in Kochi, en las het vlak voor het 'boarden' voor de vlucht naar Dubai om 4 uur 's nachts uit. Ofwel: een goed boek kan altijd.
19 januari 2015
Westers
Het laatste boek dat ik in 2014 las stond ook al meer dan zes jaar op mijn plankje met nog te lezen boeken. Waarom cultuur belangrijk is heeft een intrigerende titel maar blijkt een nogal taaie en eenzijdige verhandeling van de Britse filosoof Roger Scruton waarin hij met cultuur vooral de westerse hogere kunst bedoelt. Die cultuur is voor hem de ware cultuur in de strijd tegen de verloedering, de andere niet-westerse culturen, en vooral de islam. In sommige uitspraken is Scruton verhelderend (zeker na de aanslagen in Parijs): in de islam en de arabische wereld heeft men voor humor geen plaats (maar dat is zowat de kenmerkende overeenkomst tussen de islam en Geert Wilders). Verder bepleit Scruton precies dat soort cultuuronderwijs dat ik zelf op de middelbare school heb gehad, met name bij Nederlands en Muziek. Mijn leraar Muziek behandelde wekenlang de sonatevorm aan de hand van Mozarts 29ste symfonie en mijn leraar Nederlands bracht de sonnetten van Kloos met subtiele snikjes in zijn stem. Tja, je moet er vatbaar voor zijn (zoals ik op mijn 16e), maar algemeen geldend zou ik deze cultuurdidactiek niet willen verklaren. Dat doet Scruton wel, en dat maakt zijn verhandeling een wrange leeservaring: enerzijds snap je wat hij bedoelt, maar je kunt niet de vinger leggen op wat er niet aan klopt. Ongeveer hetzelfde gevoel wat de NRC-interviewer in het lezenswaardige gesprek met de auteur bekroop (zie hier).
14 januari 2015
Grote mond
Ik was en ben geen grote fan van Arnon Grunberg, en ik las zeker niet al zijn boeken. Wel een paar - zie de auteursindex voor enkele weblogs. De pocketuitgave van Fantoompijn stond al sinds 2005 ongelezen in de kast; een prima gewichtloze aanvulling in de rugzak. Ik heb erg moeten lachen om het gedrag, de welhaast onbezonnen levenswandel en met name de frisse uitspraken van hoofdpersoon Robert G. Mehlman; maar ik heb me ook zitten ergeren aan het feit dat het middel zowat het doel van de roman is geworden. Mehlman is een complexe maar gemakkelijk levende persoonlijkheid, die de ene oneliner na de andere rake reactie uit zijn mond tovert. Maar op een gegeven moment wordt dit eigenzinnige en betweterige gedrag van de hoofdpersoon een beetje hinderlijk; het is teveel van hetzelfde zonder dat dit functioneel is en dat er ontwikkeling in het verhaal zit. Het boek bevestigde een beetje mijn mening over Grunberg: best knap en origineel, maar uiteindelijk te onbevredigend uitgewerkt. Goede ingrediënten en verrassende smaakcombinaties, maar geen coherent diner.
11 januari 2015
Op reis
Weer een boekje dat stond te vergelen op mijn boekenplankje. In april 2010, tijdens de Week van de Klassieken kocht ik voor een habbekrats Charisma. Odysseus, van held tot schurk. Dit boekje van 60 bladzijden, geschreven door Imme Dros, moest blijkbaar ruim vier jaar wachten op een goede gelegenheid in Zuid-India om gelezen te worden. Die gelegenheid deed zich voor tijdens de busreis tussen een opstapplaats ten zuiden van Chennai (Madras - dorpje van 7 miljoen inwoners) en Trichy (Tiruchirappalli - dorpje van 1 miljoen inwoners). In die bus werd ik 's ochtend om een uur of acht door een wegbrengservice gedropt, en dan is het zes à zeven uur wachten, hobbelen en niet teveel op het verkeer letten voor je in Trichy uitstapt en op het busstation verweesd om je heen kijkt. Dit dunne lichte boekje paste netjes in mijn handbagage, en als enige niet-Indiër in de volle bus ga je dan maar een boek lezen... Het boekje verhaalt precies wat de titel aangeeft: Imme Dros vertelt dat Odysseus eerst als held in de griekse literatuur werd opgetekend, maar allengs daalde zijn imago tot een dieptepunt. Dit boekje beschrijft de literatuurgeschiedenis van een held die een schurk werd. Een boeiend boekje!
10 januari 2015
Boekenweek 2013
Normaliter lees ik het boekenweekgeschenk tijdens of direct na de boekenweek, maar het geschenk uit 2013 liet ik om onduidelijke redenen ongelezen. Ik stopte De verrekijker van Kees van Kooten met een zootje andere 'overblijvers' in mijn rugzak en las het in India op een uitrustdag in een gerieflijk hotel in een halve middag uit. Ik vond er helemaal niks aan en kon eigenlijk met grote moeite mijn aandacht erbij houden. Aan de hand van een brief aan zijn vader uit 1940 over de vermeende diefstal van een verrekijker meandert Van Kooten met verzonnen, halve en hele waarheden door de familiegeschiedenis en geeft hij tegelijkertijd over allerlei onderwerpen zijn mening. Het is een beetje een opa vertelt-boekje, op een ongedwongen manier gesteld: je hoeft het allemaal niet van me aan te nemen hoor, maar ik wil het toch graag aan je kwijt... Beetje die toon. Tja, mij te week. Op internet zijn andere beschouwingen over dit boekenweekgeschenk te lezen, maar ik las het plichtmatig en met moeite uit.Bovenaan de pagina's de zogenaamde Literagenda 2013-2014, een handgeschreven kalender van literaire momenten. Alleen al dat woord: literagenda. Brrr.
08 januari 2015
Wraak
Ik was twee weken naar India, en las tijdens de reis in totaal zeven boeken. Vooral dunnetjes, en ook boeken die soms al jaren op mijn plankje met nog te lezen boeken stonden. Dat plankje is nu goed uitgedund. Dus veel te beschrijven hierna! Allereerst een thriller van Val McDermid. Van deze Engelse schrijfster las ik al meerdere ingeniueuze thrillers, maar de laatste dateert alweer van 2008 (zie hier de weblog). De wraakoefening stond echter al sinds 2009 op het genoemde plankje; het bleek een goede begeleider van twee urenlange vluchten, wachten op vliegvelden en de strijd tegen (een beperkte) jetlag. In dit verhaal zijn de thrillerschrijvers zèlf doelwit van een seriemoordenaar. Deze doodt zijn slachtoffers op een manier zoals ze die zelf hadden beschreven. De laatste op zijn lijst heeft echter een relatie met een psychologe die de recherche van de Londense politie terzijde staat... Enfin, voldoende munitie voor een ingenieus verhaal.
14 december 2014
One man
Begin dit jaar verscheen de dikke bundel Mooie woorden met de theaterteksten van Youp van 't Hek, althans van die van de laatste 20 jaar. Ik las gaandeweg dit jaar deze conferences met groot plezier; soms hoor je hem die teksten voordragen. Sommige theatershows heb ik zelf bijgewoond, andere (met name de oudejaarsconferences) zag ik op tv. Dus deels komen stukken bekend voor, maar daar is niks op tegen. Er is in mijn herinnering geen ander boek waar ik zoveel zo hard om heb moeten lachen. Van 't Hek neemt onze moderne maatschappij en onze uitgebluste levensstijl op de korrel, en ofschoon veelal variaties op eenzelfde thema blijven zijn teksten heerlijk direct en treffend. Je leest zo'n conference in een uur of wat uit, dus er is altijd wel een moment om er weer eentje ter hand te nemen. Een vermakelijk boek!
13 december 2014
Opnieuw
In 1996 en 2001 las ik twee van de drie delen met de verzamelde werken van Nikolaj Gogol uit de Russische bibliotheek van Van Oorschot. In die twee delen waren Gogols verhalen opgenomen, alsook (in deel 2) zijn toneelstukken. Van Oorschot brengt sommige delen uit de Russische bibliotheek in een nieuwe vertaling uit (de oorspronkele vertalingen dateren hoofdzakelijk uit de jaren vijftig en zestig) - twee jaar geleden volgde een nieuwe uitgave Verhalen en novellen met alle Gogol-verhalen in één deel. Ik kocht het boek toen al, maar las het pas nu. Gogol publiceerde drie bundels verhalen (Avonden op een hoeve nabij Didanka, Mirgorod en Petersburgse verhalen) en deze laatste bundel bevat de mooiste stukken. De neus, Het portret, De jas, De calèche en Rome: stuk voor stuk sublieme verhalen waarin Gogol zich uitleeft in absurdisme, humor, maatschappijkennis en romantiek. Mirgorod bevat het avontuurlijke Taras Boelba over deze kozakkenstrijder en zijn twee zoons, maar ook het koddige Hoe Ivan Ivanovitsj ruzie kreeg met Ivan Nikiforovitsj (hierin steelt een varken een aanklacht uit de rechtbank...). In de vroege verhalen uit Avonden op een hoeve van Didanka spelen heksen en duivels een hoofdrol; het zijn niet zijn sterkste verhalen, maar bevatten wel veel inkijkjes in het (meestal) Klein-Russische/Oekraïense plattelandsleven van zo'n 200 jaar geleden. Deze nieuwe vertaling vormde een goede aanleiding om al deze verhalen te herlezen - sommige behoren tot de mooiste die ik ooit las. Zijn roman Dode zielen is ook inmiddels opnieuw vertaald, dus die volgt binnenkort ook. Van de 19e eeuwse Russen is Gogol onbetwist de eigenzinnigste.
18 november 2014
Ting
Eerder dit jaar las ik het zeer indringende en geslaagde Zeitoun van Dave Eggers (zie hier de weblog) en zijn toen al verschenen De cirkel wilde ik zeker ook lezen; nu kwam het ervan. Het is een vlot lezende en boeiende (toekomst)roman over een ict-bedrijf in Californië dat ultieme democratie nastreeft maar zodoende een digitaal totalitair systeem in het leven roept. 'Geheimen zijn leugens', 'Delen is mee-leven' en 'Privacy is diefstal': dat worden de doelen waar het bedrijf en de hoofdpersoon naar streven. Dave Eggers slaagt erin de facebook- en weblog-gebruiker een kritische spiegel voor te houden, en tot ongeveer de helft van het boek was ik flink onder de indruk van het consequent volgehouden opeenstapelen van toepassingen die dat digitale totalitaire systeem benaderen. Maar het boek mislukt helaas door het ontbreken van een plot, terwijl het wel als een halve thriller wordt opgebouwd. Mercer, Kalden en later ook Annie hadden het de hofdpersoon Mae Holland veel lastiger kunnen maken dan ze nu doen. Dan was de boodschap van Eggers op zijn minst even sterk overgekomen, maar was er tegelijkertijd een echt spannend boek geweest dat je zou bijblijven om die dubbele gelaagdheid. Ik waardeer het boek om zijn actuele waarschuwing, maar de vergelijking met 1984 gaat niet op: dat was een veel beklemmender en rijker boek.
05 november 2014
Gedoe
Eerder dit jaar las ik een aardig en hilarisch boek van Tom Sharpe en toen gaf ik aan (zie hier) dat er zo af en toe meer boeken van hem hier zouden passeren. Sneu voor het milieu probeert even hilarisch te zijn als Wilt, maar dat mislukt flink. De aanleg van een snelweg, de huwelijksproblemen van een MP en zijn vrouw en de dadendrang van allerlei randfiguren leveren ongelooflijk veel gedoe op. Dat zou allemaal nog steeds een leuk verhaal kunnen opleveren, ware het niet dat alle actoren steeds hun doelen en werkwijze bijstellen. Op een gegeven moment is er nauwelijks nog een touw aan vast te knopen. De theatershows van John Lanting waren kalme soaps vergeleken bij wat er in dit verhaal allemaal bij elkaar wordt gehaald. Snel maar weer een boek met meer substantie.
01 november 2014
Desertie
Vele jaren geleden kocht ik A Farewell to Arms van Ernest Hemingway, in een poging meer Engels te lezen; en Hemingway gold als relatief makkelijk leesbaar in het Engels. Nou, ik probeerde het in de loop der jaren een keer of drie, maar het lukte me niet de draad van het verhaal te pakken te krijgen. Ik las zijn literaire doorbraak uit 1929 nu in het Nederlands, en nu snap ik goed dat deze Hemingway helemaal niet zo gemakkelijk te lezen is. De dialogen en beschrijvingen zijn schijnbaar eenvoudig, van iedere franje ontbloot, maar daardoor juist veelzeggend en gedetailleerd. Als er de dialogen kortaf zijn, komt het dus neer op een juist begrip ervan en dan telt ieder woord. Afscheid van de wapenen is een prachtige rauwe roman met een geheel eigen klankkleur. De liefdesverhouding tussen de ik-figuur en Catherine en de oorlogshandelingen wisselen stuivertje, en uiteindelijk ontvluchten de geliefden het Italiaanse front. Het verhaal loopt niet goed af, maar het is - net als bij Brouwers eigenlijk, maar dan weer heel anders - vooral de vorm die het boek zo bijzonder maakt.
31 oktober 2014
Monnik
Jeroen Brouwers is een
onvermoeibaar schrijver. Ondanks zijn leeftijd (74) en zwakke gezondheid (te
veel drank en sigaretten) blijft hij doorschrijven. Gelukkig maar, want hij
behoort onmiskenbaar tot de beste Nederlandse schrijvers van de laatste
decennia. Zijn vorige roman Bittere bloemen vond ik niet geheel geslaagd, zie
hier de weblog erover. Maar zijn nieuwste roman Het hout is een prachtig boek.
Het behandelt de seksuele misstanden in de katholieke kerk, en dan met name die
in de jongensinternaten van sommige kloosterorden. In recensies van de roman
werden de onwaarschijnlijke afloop en het weifelende karakter van de ik-figuur
als de zwakheden van het boek benoemd, maar daar was het Brouwers volgens mij
niet om te doen. Hij weet in oogstrelend fraai en eigenzinnig proza een wrange,
klamme en onheilspellende sfeer te creëren die je zelden zo overtuigend in je
ban houdt. Wanneer de ik-figuur ongemakkelijke mededelingen verteld krijgt,
bouwt Brouwers grammaticaal uitgeklede maar uiterst trefzekere zinnen die de
huichelachtigheid van de boodschap benadrukken. Brouwers zat als kind ook een poosje in een jeugdinternaat, en zijn boosheid daarover is duidelijk voelbaar. Brouwers heeft wat te vertellen in dit boek, en hangt dat op aan een eendimensionaal liefdesverhaal. Maar zijn boodschap is krachtig, in fenomenaal proza geschreven. Zulke fraaie zinnen zijn zeldzaam dezer dagen, maar gelukkig hebben we Jeroen Brouwers nog!
Abonneren op:
Posts (Atom)






























