21 april 2008

Succes

Evenals in zijn boek voor de jeugd Kaas & De evolutietheorie dat ik anderhalf jaar geleden las (zie de leeslog) legt Bas Haring in zijn boekje Voor een echt succesvol leven veel verbanden tussen dieren en menselijk gedrag. Haring vraagt zich in dit boekje af of succes of wat algemeen als succesvol wordt beschouwd wel daadwerkelijk succes is, dat wil zeggen: altijd in het belang van het individu. Dat is dus niet het geval, en dat legt Haring fijntjes uit. Het is geen al te diepzinnig boekje, maar zijn schrijfstijl en zijn relativeringsvermogen zijn aanstekelijk. Het leest lekker weg.

06 april 2008

Briefwisseling

Op papier had het de meest interessante en smeuïge briefwisseling uit de vaderlandse letteren kunnen zijn: die tussen Gerard Reve en Willem Frederik Hermans. Maar de onlangs verschenen bundel Verscheur deze brief! Ik vertel veel te veel valt een beetje tegen. Reve en Hermans schreven het merendeel van hun brieven eind jaren veertig en in de jaren vijftig. Daarin ook de periode waarin Reve in het Engels schreef; ongeveer de helft van zijn brieven zijn dan ook in die taal, en missen daardoor zijn heerlijke stijl (want in het Engels komt zijn stijl niet tot zijn recht). Daarnaast gaan veel brieven over niks; af en toe wat zeuren over andere schrijvers, maar dikwijls over hun katten en over ander klein leed. Aan het eind van de jaren vijftig houdt Hermans de vriendschappelijke relatie voor gezien. Reve blijft dan nog wel wat vriendelijke brieven schrijven, maar Hermans reageert daar niet, of nukkig op. Via de brieven wordt duidelijk wat de oorzaak hiervan was, en dat maakt deze bundel toch weer wel interessant. Maar ik had op meer gehoopt. Volgens mij zou een bundel met de brieven van Reve met uitgever Polak nog wel wat vuurwerk kunnen bieden. Wie weet.

01 april 2008

Boekenweek 2008

Het boekenweekessay was helaas al uitverkocht toen ik na mijn vakantie aan het einde van de boekenweek de boekhandel bezocht. Het geschenk geschreven door Bernlef was er nog wel; ik las het in anderhalf uur in de trein van en naar het werk. De pianoman is een variatie op de gebeurtenissen met een Duitse jongeman die een paar jaar geleden opeens in Engeland verscheen en die niets zei; alleen kon hij goed pianospelen. Bernlef maakte er een aardig verhaal van, onderhoudend en afgerond. Maar ik vond het ook wat gemakkelijk en weinig diepgaand. Samengevat: jongen gaat weg, reist wat rond en komt in Engeland terecht, zegt niks over zijn achtergrond maar wordt uiteindelijk opgespoord en gaat tenslotte weer terug naar huis. Geen hoogvlieger, dit boekenweekgeschenk, maar ook niet slecht.

30 maart 2008

Koning van het verhaal

Ooit heb ik mezelf opgedragen om ieder jaar minstens één deel uit de Russische Bibliotheek van uitgeverij Van Oorschot te lezen. Tot nu toe las ik dertien van die prachtige gebonden dundrukuitgaven; in 1990 begonnen met Oblomov van Gonstjarow. Nu de veertiende: de Verzamelde Werken deel 2 van Anton Tsjechov. Van Oorschot brengt de vijf delen met verhalen in een nieuwe, meer eigentijdse vertaling uit, en drie jaar geleden las ik het eerste deel van die nieuwe reeks. Nu dus het vervolg met 84 relatief vroege verhalen die Tsjechov schreef van mei 1885 tot december 1886. De variatie in deze verhalen is enorm. Tsjechov schiep 84 verschillende werelden, in dikwijls minder dan 8 pagina's, en schetste zo een fraaie dwarsdoorsnede van de Russische maatschappij. Allerlei figuren passeren de revue: landlopers, kunstenaars, luitenants, doktoren, kinderen, eenzame geliefden enzovoort. Tsjechov was geen schrijver van happy endings; droevigheid of melancholie overheersen. Het schijnt dat de latere verhalen nog beter en rijker zijn; ik moet maar snel verder met de reeds verschenen delen drie en vier!

Thriller

Af en toe ook eens een thriller; ik lees ze niet veel, maar wanneer je eenmaal in het verhaal zit kom je er ook niet meer van los. Dat vind ik wel vaak het lastigste van thrillers: er zijn dikwijls tientallen pagina's nodig om iets neer te zetten, de spanning op te bouwen, en omdat je als lezer denkt dat alles ertoe kan doen om de kwestie op te lossen, wil je alles onthouden. Die eerste tientallen bladzijden zijn vaak wat eendimensionaal, om het geheel vlot te trekken. In (goede) literaire romans heeft de opbouw al genoeg in zich. Maar goed, de thrillers van Val McDermid zijn steevast goed opgebouwd en boeiend. De terechtstelling gaat over de verdwijning van een dertienjarig meisje en de ontmaskering van de dader, en de reportage die een journaliste er 35 jaar later van maakt. Uitermate fraai opgezet en een verrassende ontknoping, zoals het een goede thriller betaamt.

Muziekroman

Op het strand onder de parasol las ik in twee dagen de muziekroman Verwante stemmen van Vikram Seth. Het verhaal combineert liefde en muziek met elkaar. De hoofdpersoon, tweede violist in een professioneel strijkkwartet, komt maar niet los van zijn oude geliefde. Nadat hij haar na vele jaren toevallig tegen het lijf loopt, het kwartet een tournee naar Wenen maakt en zelfs uitgenodigd wordt om een cd-opname te maken, raakt het verhaal in een stroomversnelling. Seth heeft naast een warmbloedig liefdesverhaal vooral ook een goed en interessant muziekboek geschreven. De verhouding tussen de kwartetleden onderling is even intens als in een liefdesrelatie, en daarnaast hebben al die musici ook nog een speciale verhouding met de muziek die ze spelen, en met hun instrument. Op al die aspecten gebeurt er vanalles in deze roman. Dat het verhaal desondanks een coherent geheel is en bovendien boeit van begin tot einde, maakt dit een uiterst geslaagde roman!

24 maart 2008

Bakker

JC raadde me aan om de twee boeken van Gerbrand Bakker te lezen. Volgens haar een nieuwe ster aan het Nederlandse literatuurfirmament. Vlak voor mijn weekje zonvakantie griste ik beide boeken van het schap; ik las ze binnen 24 uur op het strand en in bed.
Boven is het stil geldt als zijn debuut, maar dat is het niet echt (zie hieronder). Wel kan het als zijn eerste grote roman gelden. Het is een prachtig boek vol verstilde omgeving en emotie en ongemakkelijke communicatie. Deze boerenroman ontdoet het boerenleven van die misplaatste boerenromantiek, waardoor het televisieprogramma Boer zoekt vrouw zo populair is. Deze roman is een schoolvoorbeeld van het verhaal waar de lezer alle ruimte krijgt om zelf invulling te geven aan wat er precies aan de hand is. Dat zowel M, die ook dit boek las, als ik tot deze zelfde conclusie kwamen zegt dan genoeg. Bovendien kwamen we tot dezelfde invulling. Boven is het stil is danook vrij ééndimensionaal, maar wel erg fraai geschreven en sowieso eigenzinnig. Voldoende om een goed boek te laten zijn.
Perenbomen bloeien wit verscheen weliswaar ná Boven is het stil, maar het is een bewerking van een (jeugd)roman die al eerder bij een andere uitgeverij verscheen. Het is een kort en krachtig verhaal, geschreven vanuit het gezichtspunt van een tweeling, hun broertje en hun hond. Dat levert soms wat minder zuivere stilistische vormen op maar het is een aandoenlijk verhaal geschreven in eenzelfde sobere stijl. Wanneer Gerbrand Bakker een nieuwe roman laat verschijnen, dan ga ik die zeker kopen en lezen.

22 maart 2008

Joop den Uyl

Over de eerste helft van Joop den Uyl 1919-1987, Dromer en doordouwer deed ik ruim twee weken; de andere helft binnen tien uur tussen de vliegvelden van Amsterdam en Curacao. De biografie van Anet Bleich over deze meestbesproken minister-president van na de oorlog is een goed leesbaar en boeiend boek. De ruime aandacht die Bleich aan Den Uyls volwassenwording, studie, en transformatie tijdens de oorlog besteedt vormt een noodzakelijke basis om zijn politiek als minister-president te begrijpen. Den Uyl was een bezeten werker, hij had de overtuiging dat hij het allemaal móest doen: directeur van de Wiardi Beckmanstichting, wethouder van Amsterdam, minister van Economische Zaken, minister-president, daarna gewoon weer fractievoorzitter, minister van Sociale zaken. Hij was de laatste minister-president die daarna gewoon weer fractievoorzitter en oppositieleider werd, hoe vanzelfsprekend (en uniek...). Wat Bleich niet helemaal weet duidelijk te maken is waaruit deze verplichte werklust vandaan kwam. Dat is sowieso het minder geslaagde aspect van deze biografie: de mens Den Uyl achter de functionaris Den Uyl. Af en toe komt dat aspect zeker ter sprake, maar steeds in relatie tot of verklaring van een ander aspect dat met de functionaris te maken had. En juist de psyche van den Uyl vormde de kern van zijn successen, nederlagen en mislukkingen. Onlosmakelijk met (het imago van) zijn minister-presidentschap zijn de jaren daarna, waarin hij recht meende te hebben op een tweede termijn, maar die niet voor elkaar kreeg. Zijn bedorven relatie met Van Agt en andere kopstukken uit het net opgerichte CDA speelde hierbij een centrale rol. En Den Uyl was zelf zwaar schuldig aan het bederven van die relatie, zonder dat hij het bewust deed, of zelfs doorhad. En ondertussen wel het koningshuis redden en twee treinkapingen oplossen! Dat vraagt om een gedetailleerde analyse van 'de mens Den Uyl', en dat ontbreekt hier. Desondanks een fraaie prestatie dit boek; Bleich heeft ontzettend veel onderzoek gedaan. Twee aardige feiten uit het boek tot slot. Allereerst de Lockheed-affaire. Bij het verschijnen van dit boek werd in de pers vooral de nadruk gelegd op het feit dat Den Uyl het bewijs voor een tweede ontvangst van steekpenningen door prins Berhard had achtergehouden. Inderdaad: als dat bewijs openbaar gemaakt zou zijn, zou Nederland hoogstwaarschijnlijk geen monarchie meer zijn. Niet omdat Juliana dan had moeten aftreden, maar omdat Beatrix weigerde haar moeder op te volgen als die hierdoor had moeten aftreden. Aan Den Uyl te danken dat Beatrix nu dus gewoon koningin is (ja, dat vind ik allemaal uitstekend), maar het zegt ook iets over Beatrix, lijkt me. Tweede feit: er werd door sommige ministers van het kabinet den Uyl flink gezopen. Eens werd bij de minister van Financiën Duisenberg thuis 's nachts om vier uur aangebeld. De minister van defensie Vredeling stond flink aangeschoten voor de deur. En die vroeg: 'Is de bar nog open?' Ach ja, zulke excellenties worden tegenwoordig niet meer aangenomen.

20 februari 2008

Profeet

Met deze Kanttekeningen van een rationele profeet voltooit uitgeverij Mets & Schilt een geweldige serie vertalingen van de werken van Sebastian Haffner (1909-1999) die de meest heldere historicus over de Duitse geschiedenis van de 20ste eeuw kan worden genoemd. De tien boeken die van hem nu zijn vertaald zijn in alle gevallen parels. Ik las jaren geleden (oktober 2002) als eerste Het verhaal van een Duitser en met deze Kanttekeningen heb ik al zijn boeken die zijn vertaald gelezen. Toch neem ik twee daarvan alsnog ter hand: van Het verhaal van een Duitser verscheen later een uitgebreidere editie, omdat er opeens zo'n 50 bladzijden manuscript opdoken. Van Jekyll & Hyde verscheen onlangs een eveneens nieuwe editie, met een lang interview met Haffner als extra. Goede redenen om beide boeken nog eens te lezen. Deze Kanttekeningen biedt een selectie van Haffners artikelen geschreven tussen eind jaren dertig en halverwege jaren zeventig. Althans, zo valt uit de wat gebrekkige datering bij de artikelen af te leiden. Want dat is het enige minpunt van deze uitgave: de bronvermelding is niet altijd even secuur. Soms wordt als bronvermelding een verzamelbundel gegeven en het jaar van verschijnen van die bundel, maar uit de inhoud van het artikel is duidelijk dat het al veel eerder geschreven is. Maar goed, die inhoud is bijna altijd erg goed. Haffner levert commentaar op actuele kwesties, meestal Duitse kwesties. Al in 1942, 1943 en 1944 schrijft hij in The Observer haarscherpe karakterschetsen van Himmler, Goebbels en Speer. Op 9 juli 1944 schrijft hij in hetzelfde tijdschrift: '...als Hitler zijn huidige politiek van doorvechten tot de laatste man volhoudt, zal de eenheid van Duitsland, die de afgelopen driekwart eeuw een beslissende rol heeft gespeeld voor het lot van Europa, verloren gaan. Het volgende hoofdstuk zou nieuw zijn voor Europa, zeker voor de Duitsers.' Vooruit, D-day was ruim een maand daarvoor, en ook waren de geallieerden al met elkaar in gesprek over de situatie na de oorlog, maar de oorlog zelf was nog op alle fronten in volle gang, Anne Frank zat nog ondergedoken, er moest nog een lange hongerwinter komen, en Haffner schrijft al over de deling van Duitsland. Hoe toepasselijk dan de titel van dit boek. Veel ruimte hierin ook voor de Duitse binnenlandse aangelegenheden na de oorlog, en tenslotte twee lange en goede stukken over het huwelijk en de oorlogsfilosofie van Mao. Een groots Haffner-boek, wederom.

13 februari 2008

Winkeldagboek - vervolg

In februari 2004, dus precies 4 jaar geleden, kocht en las ik het Winkeldagboek van Hans Engberts en René Hesselink, de eigenaars van het Utrechtse antiquariaat Hinderickx en Winderickx. Het is een goed antiquariaat en heb er de nodige uitverkochte en onvindbare Brouwers-uitgaven vandaan gehaald. Nu ik niet meer in Utrecht werk, kom ik er nooit meer. In het Winkeldagboek dat loopt van 1983 tot begin 2003 tekenden zij allerlei gebeurtenissen op die hun nering betreffen. Ik las het toen met veel plezier. Nu is er een vervolg uitgegeven Oude Gracht 234. Winkeldagboek 2003-2007. Ik las het eveneens met groot plezier. De meeste aantekeningen zijn van Hesselink, die nauwkeuriger en bedrijfsmatiger is. Hij klaagt nogal veel over zijn kompaan Engberts, die vooral veel zuipt en weinig uitspookt. Toch zijn de aantekeningen van de romanticus Engberts het aardigst. Hij gebruikt een prachtig woord: Totallgelull - om vaker te gebruiken. Wat opvalt is dat de heren niets schrijven over wat ze zelf lezen; daardoor lijkt het hen met name om de vorm van boeken te gaan. Maar goed, het is heerlijke lectuur over het drijven van een antiquariaat.

31 januari 2008

Poëzie

Ik ben geen poëzie-lezer. Ik houd van vloeiende teksten, brede en ferme verhaallijnen. Geen subtiele werelden op de vierkante milimeter. Ik houd zeker van haute cuisine, maar wel een bord vol graag. Geen bordje met drie oesters op drie manieren klaargemaakt, maar een schaal met een dozijn verse Belons 00000! Enfin, De Golden Gate van Vikram Seth vormde een welkome uitzondering op deze regel, alhoewel... Het is een roman in verzen: in ruim 500 sonnetten vertelt hij een fraai liefdesverhaal. Het loopt als een trein; ik had het boek van ruim 300 bladzijden in twee drukke werkdagen uit. Gewoon een lekker verhaal ook: vijf hoofdpersonen waarvan de meesten elkaar aan het begin nog niet kennen, maar waar allerlei verwikkelingen ervoor zorgen dat ze onlosmakelijk aan elkaar verbonden zijn. De versvorm maakt het boek luchtig; de vertaling is erg fraai gedaan. Soms zijn de rijmwoorden wat gezocht, maar meestal erg geslaagd en vrolijk stemmend. Na Twee levens dat ik anderhalf jaar geleden las wederom een geslaagd boek van Vikram Seth. Op mijn plankje 'nog te lezen boeken' staat reeds Verwante stemmen, waar ik louter positieve berichten over hoor. En in het voorjaar verschijnt bij Van Oorschot de vertaling van Seth's grootste roman A suitable boy, dat naar het schijnt de dikste roman uit het Engelse taalgebied is. Ik ga beide boeken dit jaar nog lezen! Hierna twee foto's van De golden gate, in 2005 zelf geschoten: de eerste vanaf de boot, de tweede vanuit de auto - klik op de foto voor een groter formaat. Gewoon fraai, zoals dit boek. (Ik kocht het onlangs in de ramsj bij de Slegte...)


23 januari 2008

Kleinburgerlijk?

Ik kom duidelijk minder aan lezen toe; het gaat stroever dan een tijdlang het geval was. Dus hier niet wekelijks updates met nieuwe besprekingen. Maar geen wanhoop: ik lees absoluut, alleen minder (snel). Wel begonnen met een oud voornemen: het lezen van hoogtepunten uit de (wereld)literatuur. Meteen ook een voltreffer: Bouvard en Pécuchet van Gustave Flaubert. Wat een meesterwerk! Het verhaal is eigenlijk simpel: twee kantoorklerken ontmoeten elkaar, worden vrienden en kunnen door een onverwachte erfenis hun baan opzeggen en op het platteland gaan wonen. Daar geven ze zich over aan het verzamelen van kennis over allerlei onderwerpen. In ieder hoofdstuk verdiepen ze zich in weer een heel ander onderwerp, en bestuderen en bediscussieren dat tot op het bot: land- en tuinbouw, het opvoeden van kinderen, het geloof, filosofie, chemie enzovoort. Hierdoor geeft Flaubert een caleidoscopisch overzicht van de toen beschikbare kennis en ideeën over die onderwerpen. Bouvard en Péchuchet weten heel veel, maar snappen er eigenlijk weinig van. De ironie waarmee Flaubert dit alles beschrijft maakt dit boek geniaal en ontzettend grappig. Hun doorzettingsvermogen dwingt respect af (kom daar nu maar eens om), maar is ook een beetje zielig. Waarover ik me bij het lezen van dit boek vooral verbaasde, was het enorme (voorbereidings)werk dat Flaubert eraan moet hebben gehad. Uit zijn brieven weten we dat hij werkelijk alles navlooide. Een weg die van de ene plaats naar de andere plaats liep, werd door hem bezocht of hij liet vrienden exact beschrijven hoe de loop van die weg eruitzag. Want de beschrijving van die weg moest helemaal kloppen met de werkelijkheid. Op veel plaatsen discussiëren Bouvard en Pécuchet over een bepaald onderwerp, bijvoorbeeld het socialisme, of staatsinrichting. Zij beroepen zich daarbij uitsluitend op meningen van denkers van wie zij boeken hebben gelezen. Soms vliegen de namen daarvan om je oren. Flaubert zal die boeken dus allemaal gelezen hebben - het moeten er vele honderden zijn geweest. En vervolgens alles hebben gearchiveerd om er passend gebruik van te maken. Zonder kopieerapparaat en computer, slechts met pen en papier. Wanneer je dit boek leest snap je zijn verzuchting ergens in één van zijn brieven dat hij van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat heeft gewerkt, nauwelijks een kwart bladzijde heeft geschreven, en doodop is. (Wanneer ik Flaubert zou zijn, zou ik dus hier eerst al zijn brieven hebben moeten nazoeken en de betreffende uitspraak precies moeten citeren - dat had me minstens een halve dag gekost.) Het verhaal is vooral grappig vanwege zijn kneuterigheid. Veel gaat mis bij de heren, maar ze laten zich niet snel teleurstellen. Flaubert schrijft ook lekker ironisch: De salon was zo glad geboend dat je je er nauwelijks staande kon houden. Tja, heerlijk.
Deze uitgave verscheen in het najaar als onderdeel van een serie voor de leesclub van NRC Handelsblad (gelukkig zonder nummer op de rug). Ik doe niet mee aan die leesclub, maar hierdoor wel de mogelijkheid op internet allerlei recensies en reacties te lezen. Klik op deze link. Tenslotte maar weer een fraaie afbeelding van de Franse meester.

01 januari 2008

2007: de balans

Eerst maar even de feiten:
* gelezen boeken: 43
* aantal bladzijden: 11320

Hiermee is 2007 een flinke 'inkakker' geworden ten opzichte van voorgaande jaren (ik beloof: er komt binnenkort een overzichtje daarvan). Ook heb ik mijn doelstelling om de 'grote jongens van de wereldliteratuur' te lezen niet echt waargemaakt. Maar toch een aantal toppers - in chronologische volgorde:

* Jeroen Brouwers: De laatste deur (april)
* Ian McEwan: Aan Chesil beach (mei)
* Günter Grass: De rokken van de ui (juli)
* Truman Capote: In koelen bloede (augustus)
* Gerard Reve: Moedig voorwaarts (september)
* Hans Warren: Geheim Dagboek 1993-1995 (september)
* Gerard Reve: Brieven aan Simon Carmiggelt (oktober)
* P.F. Thomése: Valdiwostok! (november)
* Jeroen Brouwers: Datumloze dagen (oktober)

Iedereen een goed nieuw (lees)jaar!

Gelukkige klas

Met een uurtje op 1 januari erbij gesmokkeld werd De gelukkige klas van Theo Thijssen mijn laatste boek van 2007. Het boek stond centraal tijdens de actie Nederland Leest en werd toen gratis uitgedeeld aan leden van de openbare bibliotheek; ik kreeg een exemplaar van mijn ouders. Een paar jaar geleden las ik ook al een paar andere boeken van Theo Thijssen. Uiteraard Kees de Jongen, maar ook Barend Wels en Schoolland, waarmee De gelukkige klas in sfeer en taalgebruik veel overeenkomsten vertoont. Het is een fraai verhaal, waarin Thijssen zich niet alleen uitspreekt over onderwijs, maar ook over gelijke kansen en armoede. Zijn rondborstige stijl maakt Thijssen uniek.

27 december 2007

Istanbul

De afgelopen dagen was ik in Istanbul, en daar las ik de tweede helft van dit boek. Ik had nog nooit eerder iets van nobelprijswinnaar Orhan Pamuk gelezen, en deze persoonlijke bespiegelingen over deze stad en memoires over een jeugd in Istanbul in één vormen toch wel een stemmig en boeiend geheel. In Istanbul heerst de weemoed: het was ooit het centrum van een wereldrijk, maar sindsdien verkeert de stad zowel uiterlijk als innerlijk in een proces van verval. De hoogtepunten dateren allemaal uit het (verre) verleden; in de tegenwoordige tijd brengt de stad niets voort dat een bezoek rechtvaardigt cq waarover de bewoners trots kunnen zijn. Ook Pamuks eigen (aanvankelijk rijke) familie is in verval, zijn ouders vormen bovendien geen harmonisch echtpaar. Dit alles vormt voor Pamuk de kapstok voor 37 hoofdtukken waarin hij allerlei facetten van zijn eigen jeugd en van de stad beschrijft. Hij schrijft breedsprakig, maar tegelijkertijd ook met aandacht voor het detail, op een prachtige toon én met weemoed. Het boek leest niet snel, het is het waard om aandachtig gelezen te worden.

Afslanken?

'Overal mag ik in bijten, mits ik daarvan flink ga schijten,' is het devies van Maarten 't Hart. De uitspraak is overigens één van de vele die hij hanteert in zijn nieuwste boek Het dovemansorendieet. Over zin en onzin van gewichtsverlies. 't Hart schrijft wederom moeiteloos vloeiend, met leesbaar plezier en hij baseert zich op zijn markante en eigenzinnige ervaringen en eruditie. Consistent is zijn mening overigens niet; hij spreekt zich herhaaldelijk tegen. Maar dat is ook niet zo van belang. 't Hart dient de ene smakelijke anekdote na de andere op; zijn vraaggesprekje met de vrouw van de visboer is fantastisch. Verrukkelijk boek.

05 december 2007

Finale Potter

Harry Potter en de relieken van de dood is het zevende en laatste deel van de Potter-serie waarmee J.K. Rowling zich in elk geval in financiële zin tot de meest succesvolle schrijvers ooit heeft gemaakt. Met genoegen heb ik me een jaar of zes geleden overgegeven aan de hype en de laatste delen kocht ik steeds op de dag van verschijnen. In dit laatste deel moesten de puzzelstukjes op hun plaats vallen, en dat doen ze ook. Uiteraard moest er ook een hoop spanning en rustmomenten in. Dat alles maakt dit geen eenvoudig deel: er wordt door de hoofdpersonen hier en daar flink getheoretiseerd om het oog van de naald te vinden. Dat het boek toch spannend en onderhoudend is, en ik de afgelopen twee gewone werkdagen toch ruim de helft van dit 540 pagina's dikke boek las tot het uit was, bewijst de kwaliteit ervan. De Potter-serie is een unieke en originele invulling van het thema over de strijd tussen goed en kwaad. De Potter-hype is natuurlijk overtrokken (dat geldt natuurlijk voor alle hypes), maar over de inhoud van de boeken geen negatief woord.

20 november 2007

Identiteit

Onredelijkheid van Bas Heijne is een essay over identiteit. In ruim honderd pagina's vertelt hij over de paradox tussen het zoeken naar eigenheid (door individuen en door groepen) versus globalisering en veralgemenisering. Hoeveel eigenheid verdragen we van anderen eigenlijk? Een niet helemaal geslaagd betoog, dat wel een aardig gezichtspunt opleverde: mensen en groepen hebben nooit één identiteit, maar meerdere en passen deze identiteiten naar omstandigheden aan cq zetten deze op scherp. Verder geen afgerond verhaal dat beklijft. Toch wel wat meer lezen van Heijne, hij lijkt me toch wel een slimmerd.
Nu aan de laatste Harry Potter...

19 november 2007

Lift

Vorige week las ik de jongste roman van Jeroen Brouwers (even scrollen...); meteen ook maar Zonsopgangen boven zee, zijn tweede roman uit 1977. Hiermee heb ik nu alle romans van Brouwers gelezen. Dat zal niet mijn favoriete roman van hem worden. De verhaallijn is kort: de ik-figuur komt met een jongere vriendin vast te zitten in een lift en dat is aanleiding voor allerlei bespiegelingen, associaties en gedachtes van deze ik-figuur. De scheiding tussen wat er nu echt gebeurt of wordt gezegd in die lift en wat de ik-figuur allemaal denkt vervaagt zienderogen. Bekende Brouwers-thema's (kostschool, geboorte kind, lulligheidsbesef) passeren de revue. Zoals in de vorige bespreking gezegd: ik houd meer van helderder verhaallijnen.

18 november 2007

Held

Ik lig alweer drie gelezen boeken achter, dus hup vooruit. Van Saskia de Coster had ik nog nooit gehoord, totdat kortgeleden in NRC Handelsbald een uiterst positieve recensie van haar vierde (!) boek Held stond. Het kon mij niet zo bekoren. Het verhaal van ruim honderd bladzijden bestaat uit twee delen: de ik-figuur in haar kind-tijd wanneer ze een autistisch vriendje krijgt en twintig jaar later wanneer ze hem als journaliste moet interviewen. In beide delen kijkt de ik-figuur anders dan anders tegen de werkelijkheid aan; de verhaallijn wordt slechts sporadisch en in flarden duidelijk. Er wordt vooral heel veel gedacht en geassocieerd. Op zich apart, maar ik houd liever van helderder verhaallijnen.

12 november 2007

De nieuwste Brouwers

De nieuwste roman van Jeroen Brouwers is een meesterwerk, en één van zijn beste boeken. Datumloze dagen is een roman die je eigenlijk niet snel wilt lezen. De zinnen zijn zo ontzettend fraai geschreven en de inhoud is zo prachtig gecomponeerd, dat je er langer over wilt doen dan de 186 pagina's voorschrijven. Deze roman is als een subliem gerecht in een sterrenrestaurant: je gaat er langzaam van eten om geen enkel smaakdetail te missen. Het verhaal ontroert en brengt je aan het lachen. De zin met de woorden 'in toestand van viscositeit' heb ik drie keer opnieuw gelezen vanwege zijn perfectie in vorm, inhoud en associatie. De Prijs der Nederlandse Letteren geweigerd of niet: Jeroen Brouwers is met afstand de beste Nederlandse schrijver. afth en grunberg hebben blijkbaar hun platvloerse achterbuurtburenruzie nodig om hun libelleliteratuur onder de aandacht te krijgen. Maar hier spreekt de ware meester!

02 november 2007

Onverschilligheid

Op de website van P.F. Thomése staat over zijn nieuwste roman Vladiwostok! het volgende pakkende interview:
Kunt u voor het gemak misschien in één woord samenvatten waar Vladiwostok! over gaat?
Onverschilligheid.
Punt uit?
Punt uit.

Eigenlijk is hiermee over het verhaal van het boek alles gezegd. Iedereen houdt elkaar voor de gek (uit onverschilligheid). Zelfs de aanprijzing op de achterflap (van Matthijs van Nieuwkerk) kun je in die context lezen. Hoe dan ook: het is een verrukkelijke roman met veel vaart geschreven, vol herkenbare ledigheid van geest en veel krachtige scenes. De opmerking van de auteur aan het begin van het boek (Fons, lul, bij deze!) zet de toon. Een heerlijke eigentijdse roman.

01 november 2007

Macro-economie

Jarenlang moest Alan Greenspan permanent letten op wat hij zei, op hoe hij het zei en op zijn mimiek: een verkeerd woord of gelaatsuitdrukking en de beurzen konden omhoog- of omlaagschieten. Er was zelfs een periode dat de dikte van zijn aktentas werd bijgehouden: een dunne tas betekende dat het goed ging; een dikke zou wijzen op een verhoging van de rentetarieven: de Briefcase Indicator. Greenspan was van 1987 tot 2006 voorzitter van de Federal Reserve Board, het orgaan waarin de centrale banken van de VS verenigd zijn. In deze memoires Een turbulente tijd. Een leven in dienst van de economie schudt Greenspan zijn bedachtzaamheid van zich af en praat hij vrijuit over zijn carrière. Het is een uitermate boeiend, en vooral leerzaam boek. De eerste helft is een chronologisch verhaal over zijn jonge jaren, studie en zijn carrière; vanaf het moment dat hij in Washington vooraanstaande posities bekleedde passeren alle Amerikaanse presidenten nauwkeurig de revue. Opvallend: als republikein heeft hij tussen de regels door de meeste waardering voor de democraten; met name Clinton wordt scherp geprezen. Vader en zoon Bush zullen niet blij zijn met dit boek. In de tweede helft behandelt Greenspan belangrijke macro-economische onderwerpen: de opkomst van de nieuwe economische grootmachten China, India en Zuid-Amerika, de invloed van de olieprijs op de economie, het effect van de pensionering van de babyboomers, enzovoort. Greenspans centrale stelling is die van het ultieme kapitalisme en liberalisme: geef mensen en bedrijven zoveel mogelijk vrijheid om te ondernemen en blijf zoveel mogelijk af van hun bezit. Hij toont aan dat dat tot de meeste welwaartsstijging leidt. Protectionisme en corruptie zijn per definitie slecht voor economische groei. Pas wanneer China aan de bevolking het ultieme recht op bezit erkent en bewaakt (zeer anti-communistisch natuurlijk), pas dan wordt China een heuse economische grootmacht. Enfin, allemaal uiterst interessant, ook al gaat het soms flink tegen mijn politieke overtuigingen in. Goed leesbaar bovendien, ofschoon soms wel wat theoretisch. Maar wie zich wil verdiepen in de krachten van de macro-economie heeft met dit boek een ideale leidraad.

04 oktober 2007

Begeerte

Tommy Wieringa was in het voorjaar van 2007 gastschrijver aan de Technische Universiteit van Delft en deed daar o.a. onderzoek naar het verband tussen begeerte, voortplaning en pornografie. Dit essay De dynamica van begeerte is een weerslag van zijn onderzoek. Het brengt Boeddha, Augustinus en porno bij elkaar; soms wat gezocht en quasi-filosofisch, maar ook wel aardig om te lezen. Precies goed voor een gemiddelde enkele reis per trein van of naar een provinciestad.

Poes

Ook ik ben getrapt in het trucje van De Bezige Bij en Remco Campert. Je laat een suffig verhaaltje onder de titel Dagboek van een poes verschijnen waar in principe honderdduizenden poezenbezitters vertederd door kunnen raken, zet er de naam boven van een erkend literator, geeft het fraai uit en ziedaar: vier drukken in twee maanden. Het verhaaltje is werkelijk helemaal niks. Doordeweekse gedachten van een huiskat, in de stijl zoals mensen denken dat katten eventueel zouden kunnen denken. Menselijke gedachten dus over kattengewoonten vanuit kattenperspectief geschreven. Geen opbouw, geen verhaallijn, gewoon flut.

Simon C

Gerard Reve schreef tussen 1971 en 1975 112 Brieven aan Simon Carmiggelt. Wellicht eerder en later meer brieven, maar deze 112 zijn in deze bundel opgenomen. Het is een kostelijke bundel; brieven van een kunstbroeder aan zijn collega-kunstbroeder. Veel over drank en het zich onthouden daarvan, over de kerk, wederzijdse bezoeken enzovoort. Anders dan de brieven aan zijn uitgevers Van Oorschot en De Groot weinig zakelijke onderwerpen. Des te meer emotionele en artistieke. Ik heb soms enorm moeten lachen, het is een kostelijke én meesterlijke bundel. En zoals Reve zelf soms schrijft: zijn proza biedt troost. Meer dan dat, zou ik zeggen.

Luyendijk in Egypte

Een goede man slaat soms zijn vrouw van Joris Luyendijk dateert van de tweede helft jaren negentig en is in feite een onderzoeksverslag van de student Luyendijk naar de normen, waarden, zeden en gewoonten van leeftijdgenoten in Egypte. Vreemde ontwikkeling eigenlijk: toen dit boek verscheen (ik wilde het al bij verschijning lezen, maar stelde dat dus tien jaar uit) was de hier beschreven (islamitische) moraal van de Egyptische jeugd bepaald nieuw en schokkend voor Nederlanders. De titel speelde daar in feite op in. Sinds 11 september 2001, Al-Qaida, Bin Laden, de boeken van Housseini enzovoort, verbaas je je er eigenlijk niet meer over, komt deze moraal je eerder als relatief gematigd voor. Wie deze normen, waarden, zeden en gewoonten wil leren kennen, lees dit boekje. Het geeft ook inzicht in hoe veel allochtonen denken en soms doen. Verbazingwekkend eigenlijk dat een grote groep Nederlanders zich aangetrokken voelt tot politici die roepen dat deze mensen met een bezem buiten de randjes van onze landsgrenzen moeten worden geveegd, en dat we dan van de problemen verlost zijn. Hoe simpel kun je eigenlijk zijn?

03 oktober 2007

Rare snuiters

Rare snuiters van Midas Dekkers is de leescatalogus van een tentoonstelling uit 2003 van foto’s van inwoners van nog onbekende landen, gemaakt door Nederlanders. De vroegste foto’s in dit boek dateren van kort na de introductie van de camera; er zijn ook recente foto’s bij. Ze hebben veelal een koloniale inslag. Dit alles schrijft Dekkers, die ook de tentoonstelling samenstelde, luchtig aan elkaar. Vroeger reisden fotografen voor je om te laten zien hoe het elders was (zelf ging je niet), nu vormen foto’s een verleiding om zelf te gaan kijken (en te fotograferen). Vroeger vergaapten mensen zich aan wat ze op foto’s zagen, nu vergapen de mensen zich in vreemde landen aan de hordes fotografen. Zodoende zorgde en zorgt de fotocamera voor de nodige kennismaking. Dekkers doorspekt zijn verhaal met allerlei biologie; het blijft een boeiend auteur.

27 september 2007

Een schrijver, zijn collega's en hun werk

Ik lig nog steeds vier gelezen boeken achter, dus wellicht wat kortere beschrijvingen hierna. Over het vak van Philip Roth las ik alweer een maand terug, nog tijdens de vakantie. Het is een interessant boekje waarin Philip Roth met een aantal collega-schrijvers gesprekken voert. Deels zijn deze door de gesprekspartners op papier uitgewerkt om een interview-karakter te vermijden, maar een echte gedachtewisseling te laten ontstaan. Veel mede-Joodse schrijvers, veel schrijvers die onderdrukt zijn, en veel over Kafka. Soms is Roth wat academisch, maar hij verleidt zijn gesprekspartners (waaronder Levi, Klíma, Singer, Kundera) tot interessante discussies en beschouwingen. Ik kreeg van dit boekje geen andere kijk op het schrijversschap in het algemeen, maar zal hier wel naar teruggrijpen wanneer ik een van deze schrijvers ga lezen.

08 september 2007

Geheim dagboek deel 19

Deel 18 verscheen minder dan een jaar geleden, en dit jongste deel Geheim dagboek 1993-1995 van Hans Warren lag eerder in de boekhandel dan ik onbewust verwachtte. Dus toen ik de zaterdag voor de vakantie in de boekhandel kwam en dit deel zag liggen was ik even van mijn a propos. Ik moest aan een medewerker vragen wanneer dit deel verschenen was opdat ik kon achterhalen of ik het niet al gelezen had... Het was al in mei uitgekomen, het laatste deel - wist ik - las ik in 2006, dus ja: dit was een nieuw deel! Ik las het boek, met zijn 400 bladzijden het dikste uit de hele reeks, tijdens de vakantie in minder dan twee etmalen. Mijn beschrijving over deel 18 (zie hier) past ook dit deel, dus ik houd het verder hierbij. Nog vijf ongepubliceerde jaren te gaan - ik schat in dat die in twee delen worden ondergebracht. Binnen twee jaar houdt hoogstwaarschijnlijk op waar ruim twintig jaar geleden mee begon: op 3 juli 1986 kocht ik deel 1 en 2 van het Geheim Dagboek... Alleen wie alle delen heeft 'mee'gelezen zal mijn voortijdige nostalgie begrijpen.

06 september 2007

Brieven van de Blanke Dichter van Stad en Land

Vandaag terug van twee weekjes vakantie; naast de vele toertochten ook 4 boeken gelezen. De komende dagen zal ik proberen mijn leeslog bij te werken. Te beginnen met het verrukkelijke Moedig voorwaarts. Brieven aan Bert en Netty de Groot 1974-1997 van Gerard Reve. Met zijn uitgevers Johan Polak en Geert van Oorschot onderhield Reve weliswaar boeiende, maar zeker niet altijd vriendschappelijke relaties. Polak en Van Oorschot waren minstens zo eigenzinnig als Reve, en dan wilde het wel eens botsen. Bert de Groot (eerst Elsevier, daarna Veen) was een zakelijker en evenwichtiger uitgever die minder de behoefte voelde markant te zijn; in de relatie tussen hem en Reve kwam nauwelijks een rimpeling. Is dit brievenboek daarom minder groots dan de correspondentie tussen Reve en Van Oorschot die twee jaar geleden verscheen: ja, dat wel. Maar deze nieuwe bundel is zeken niet te versmaden. In zijn brieven aan De Groot schrijft Reve fabelachtig fraai proza, en ze bieden mooi inzicht in de ontstaansgeschiedenis van de romans uit de jaren zeventig en tachtig. Van de typische Reve-uitspraken kan ik geen genoeg krijgen - hierna de brieven aan (en van?) Johan Polak...? Toch maar even de stijlmeester zelf aan het woord (brief dd. 3 mei 1977):
Volgens mij zit het zo: mijn werk, dat ik geschreven heb, blijft onveranderd wat het is, goed of niet goed, maar relatief neemt de kwaliteit toe, omdat er steeds minder schrijvers in Nederland zijn die schrijven kunnen. Het vakmanschap, de eruditie, de inzet, de persoonlijke visie, het vermogen om een eigen kosmos te scheppen inplaats van de Verrekijk en de rode kranten na te praten - het verdwijnt allemaal. Ik ga schaars worden als antiek, dat alleen nog maar meer gezocht en duurder kan worden. En die zondvloed van debuten, die geen van alle een 'belofte' inhouden, omdat het nog niet eens sympathieke puberteitsuitbarstingen zijn! Toch bedroeft en beangstigt het me niet weinig, dat geheel alleen staan: de enige romantische Nederlandse schrijver van formaat!