09 maart 2007

Oerboek

Mijn leesgedrag bevindt zich op een wat laag pitje. Er is veel werk te doen, dus tijdens de vele treinreizen zit ik dikwijls achter ander leesvoer, of mijn laptop. Daarnaast ben ik wat vastgelopen in Overtocht naar India van E.M. Forster. En dan kost het even voordat ik besluit het boek weg te leggen en over te stappen op wat anders. Dat werd eerst Hoe God verdween uit Jorwerd van Geert Mak, maar zijn psychologie van de koude grond is ook niet zaligmakend. Vorige week dan in drie dagen van Jeroen Brouwers het nieuw verschenen In het midden van de reis door mijn leven gelezen, dat als ondertitel de intrigerende term Oerboek draagt. Brouwers bezit een basismanuscript dat allerlei invallen, korte fragmenten en halve verhalen bevat. Dat oermanuscript blijkt een rijke bron voor veel van zijn werken. In dit boek een kort fragment daaruit, voorafgegaan door een lange uitweiding van Johan Vandenbroucke waar de elementen uit dat fragment allemaal zijn terechtgekomen. Het interessantst is echter het voorwoord van Brouwers zelf, die de ontstaanswijze van zijn oerboek verklaart. Verder bevat deze bundel nog De Exelse testamenten, die ik al eens eerder las in een andere uitgave. Deze bundel is een aardigheidje, maar ook niet meer dan dat, en alleen voor Brouwers-liefhebbers een hebbedingetje. Maar moge Brouwers binnenkort weer eens een hele essaybundel of roman publiceren...

09 februari 2007

Occidentalisme

In dit boekje betogen Ian Buruma en Avishai Margalit dat het Occidentalisme (haat tegen het Westen) geen hedendaags verschijnsel is, maar reeds in de 19e eeuw voorkwam en in de loop van de 20ste eeuw al meerdere verschijningsvormen had. De aanval op de Twin Towers in 2001 was natuurlijk spectaculair, maar zeker niet het eerste harde bewijs van het bestaan van Occidentalisme. Ik had in dit boekje desondanks een helderder analyse van de tegenwoordige strijd tussen het Westen en de moslimterreur gelezen, maar deze ontbreekt. Het boekje is vooral een historische schets over de wijze waarop westerse landen in het verleden schuldig waren aan het zaaien van afkeer en een analyse van waarom dit bij andere landen en andere religies kwaad bloed zette. Geen eenvoudig leesbaar boekje, maar ach: weer wat geleerd.

08 februari 2007

Moederziel

Ik ken de persoon aan wie het boek is opgedragen en was bij de uitreiking op de uitgeverij van het eerste exemplaar van Moederziel aan Herman Stevens. Ik las het vorige week en heb zeer van de roman genoten. Stevens schetst een fraai beeld van de jeugd van Wessel vanaf het moment dat zijn moeder met hem zijn vader verlaat en in het gebouw van haar eigen balletschool gaat wonen. De rustieke en weelderige stijl gaat hand in hand met de veilige en gelukzalige wereld van Wessel, en dat maakt lezen een ontspannen en heerlijke bezigheid. Moederziel is geen meesterwerk, het boek is niet spannend, er gebeurt weinig en herbergt geen diepgravende thematiek. Maar het is wel een verrassende en prettig stemmende roman van een schrijver van wie ik anders nooit iets gelezen zou hebben en waar ik nu blij om ben dat wel te hebben gedaan.

28 januari 2007

Eten

In Hitte doet de Amerikaanse journalist Bill Buford verslag van zijn ervaringen als keukenslaaf van het befaamde restaurant Babbo in Manhattan. Daar leert hij ontzag te hebben voor een zuivere bereiding van typisch Italiaanse gerechten en besluit naar Italie te gaan om te leren hoe je authentieke pasta maakt. Uiteindlijk gaat hij ook in de leer bij een Toscaanse slager, en leert er alles over vlees. Dit boek is een niet altijd evenwichtige beschrijving van dit alles, maar smaakvol is het alleszins. Meermaals kreeg ik de behoefte om alle recepten uit te proberen, om voortaan uitsluitend bij de allerbeste winkeltjes mijn eten te kopen, uitsluitend zelfgemaakte pasta's te eten en om zo snel mogelijk een kookcursus te volgen. Dat maakt dit boek dus geslaagd, ook al is het wat breedsprakig geschreven. Maar wie interesse heeft in eten en koken, moet dit boek absoluut eens lezen.

17 januari 2007

Münstermann

Van Hans Münstermann had ik nog nooit gehoord, totdat zijn roman De bekoring de AKO Literatuurprijs won. Ik heb het in twee dagen uitgelezen, en vond het best een aardig geschreven boek. Maar een meesterlijk boek? Niet echt. Alles wat de achterplattekst beschrijft wordt in het boek naar mijn idee niet waargemaakt. De bevrijdende glorende sixties? Niks van gemerkt. En wat dreef Andreas' moeder nu werkelijk tot het 'verraad'? Er wordt wel wat over geschreven, maar een afdoende verklaring wordt in het boek niet gegeven. Op zich niet erg, maar wie afgaat op de achterplattekst komt in dit boek bedrogen uit. Vanuit wisselende perspectieven en in verschillende periodes beschrijft Münstermann wat er op die dag in 1960 precies gebeurde en hoe de vlucht afliep. Een gewoon fraaie roman, dat wel.

Jeroen Brouwers

De eerste dagen van het nieuwe jaar gingen wat lezen betreft vooral op aan het opnieuw bestuderen van de cursusmap over wijn; inmiddels heb ik examen gedaan en het wijnbrevet gehaald. In de trein het echte leesjaar begonnen met een 'dunnetje', maar daardoor niet minder fraai: Het verzonkene van Jeroen Brouwers. Het is een roman van nog geen 100 bladzijden met een sterk autobiografisch karakter. Brouwers blikt terug op zijn kinderjaren in Indie, de periode vlak na de oorlog in 's-Hertogenbosch en het internaat, en verklaart dat hij van zijn familie alleen zijn grootvader liefhad. Een kort en stemmig meesterwerkje dat meer vertelt dan het woorden bevat.

09 januari 2007

2006: de balans

De feiten over mijn leesgedrag in 2006:
* gelezen boeken: 68
* totaal aantal bladzijden: 18085

Hiermee verdrijf ik 2005 van de derde plaats in mijn boekenschrift (sinds 1989): 2003 met 51 boeken/18.243 bladzijden en 2002 met 76 boeken/23.107 bladzijden staan nog steeds bovenaan. Mijn doel voor 2007 is om geen aanval te doen op deze top-3 records, maar om het in de kwaliteit te zoeken: het is mijn voornemen me te richten op de hoogtepunten uit de wereldliteratuur. Mann, Proust, Tsjechov, Grass, Flaubert - dat soort jongens. Ach, misschien ijdele hoop.

Mijn toppers in 2006 (in chronologische volgorde):
* Als ik dan ga. Documentatie Jacques Kersten (januari)
* Maarten van Rossem: De wereld volgens Maarten van Rossem (februari)
* Jeroen Brouwers: Mijn Vlaamse jaren (april)
* Ian McEwan: Boetekleed (juni)
* Erich Maria Remarque: Van het westelijk front geen nieuws (juni)
* Anne Frank: Het achterhuis (augustus)
* Primo Levi: Is dit een mens (augustus)
* Hans Warren: Geheim Dagboek 1990-1992 (september)
* Gustave Flaubert: Geluk is onmogelijk (december)

De afknappers:
* Arthur Japin: De grote wereld (maart)
* John Grisham: Het vonnis (juli)
* Bank/Wennekes: De klank als handschrift (november)
* Ian McEwan: Amsterdam (december)

Iedereen een gezond en leesbaar 2007!

30 december 2006

Amsterdam

Van Ian McEwan las ik tot nu toe louter goede boeken, en dat dacht ik tot tien pagina's voor het einde ook van de roman Amsterdam, waar hij in 1998 de Booker Prize mee won. Net als in Boetekleed (leeslog juni 2006), Zaterdag (leeslog december 2005) en Ziek van liefde weeft McEwan een vaag web van verbanden; in die drie romans viel uiteindelijk alles op zijn plaats en werd je verbaasd door het ingenieuze plot. In Amsterdam wordt de door de twee hoofdpersonen afgesproken euthanasie wel zeer luguber uitgevoerd. McEwan, die zich normaliter voor zijn romans erg goed documenteert vergaloppeert zich in dit boek met zijn voorstelling van de Nederlandse euthanasiepraktijk. En dan mislukt zo'n plot, en heb je er als Nederlander nog een rare bijsmaak over ook. De eerste 165 pagina's zijn zeer overtuigend, in de resterende 25 gaat het mis.

29 december 2006

Wijn (3)

Na zijn Leven als Gort in Frankrijk (zie leeslog 17 november j.l.) las ik van Ilja Gort het nog leukere Het wijnsurvivalboek. Het is een uiterst vermakelijk boekje, met heldere uitleg van de theorie (cq Gorts interpretatie ervan), en de nodige anekdotes uit de wijnwereld en belevenissen van Gort als wijnboer. Was Leven als Gort in Frankrijk af en toe iets te melig en te populair geschreven, in dit boekje is de toon precies goed getroffen. Achterin geeft Gort een uitleg van de belangrijkste termen waarmee wijn wordt gekarakteriseerd. Bij Finesse schrijft hij: Oei! Dat bofje hebben we helaas alleen als het een dure, tot zeer dure jongen betreft. Een complexe, verfijnde wijn met een lange, lange afdronk. Zo'n wijn komt binnen als een juwelendief met witte handschoenen, maar een seconde later vieren alle smaakpapillen tegelijkertijd feest. Zoet, zuur zout, en alle andere andere smaakkabouters leggen de handen op elkaars schouders en trekken in een joelende polonaise door uw mond. Tja, dan schiet ik in de lach. Hoogtepunt is het verslag van de 'Salon du vin', het jaarlijkse feest van de wijnboeren uit het dorpje in Bordeaux waar Gort ook zijn chateau heeft. Twee buurman-wijnboeren zijn tegen elkaar bijzonder hoffelijk wanneer ze elkaars wijn proeven. Maar zodra de een naar de wc is, zegt de ander: ' Zijn wijn is nog niet goed genoeg om je auto mee te wassen.' Een prima boekje!

26 december 2006

Arabische Opera

In 2003 kreeg pianist en componist Michiel Borstlap de opdracht om een opera te componeren voor de Emir van Qatar. Het stuk moest in een paar weken klaar zijn, waarna het in allerijl werd gerepeteerd. De twee uitvoeringen (eerst in het Engels, een week later in het Arabisch) waren al gepland en zouden door Al Jazeera live worden uitgezonden in veel arabische landen. Zowel het componeren als het voorbereiden van de uitvoeringen bleken een chaotische toestand. De beschrijving van dit alles door Borstlap in dit boekje Opera in Qatar is onderhoudende lectuur. Borstlap is geen schrijver, en bij het zichtbaar ontbreken van een goede redactie zijn er in de tekst de nodige slordigheden blijven staan. Maar goed, het boekje leest lekker weg.

Pamflet

Denkend aan Holland is een uitermate geslaagd pleidooi van Thomas Rosenboom voor verlegenheid, geduld en het zich inhouden. In tegenstelling tot buitenlandse kinderen worden Nederlandse kinderen opgevoed met het uitgangspunt dat de wereld om hen draait. En daar krijg je vervelende, verveelde en agressieve mensen van. Rosenboom pleit voor een algeheel schreeuwverbod voor alle onderwijsinstellingen en het beperken van het televisie-aanbod in gevangenissen tot louter een klassieke-muziekzender en National Geographic: het perfecte medicijn tegen een agressieve inborst. Rosenboom moet maar minister in het nieuwe kabinet worden, vind ik.

23 december 2006

Flaubert

Een heuse topper, deze nieuwe selectie brieven van Gustave Flaubert verschenen onder de titel Geluk is onmogelijk. Dit is nu de vierde vertaalde brievenbundel; hoeveel brieven liggen nog onvertaald te wachten? Wat mij betreft dient het nieuwe kabinet de vertaler een beurs te geven voor de tijd dat hij ermee bezig denkt te zijn om alles wat nog rest te vertalen. Want het lezen van Flauberts brieven is een van de meest gelukzalige bezigheden die er zijn. Ondanks het voorturende gekanker en gescheld van de schrijver. Zomaar wat citaten, dan begrijp je wat ik bedoel:

- Als ik enige kennis omtrent het leven heb opgedaan, komt dat doordat ik in de gewone betekenis van het woord weinig heb geleefd, want ik heb weinig gegeten, maar heel wat herkauwd.

- De stijl schuilt evenzeer achter de woorden als in de woorden. Het is evenzeer de ziel als het vlees van het boek.
- Ik amuseer me al met al maar matig op deze planeet.

- Ieder van ons heeft in zijn hart een koninklijke kamer. Ik heb hem dichtgemetseld, maar niet gesloopt.

- Welk werk dan ook is voor mij een lange reis; ik aarzel om me in te schepen en ik ben al van tevoren misselijk.
(Over het schrijven aan een nieuw boek.)
- Ik ben van leem wanneer het om het ontvangen van indrukken gaat, en van brons om ze te bewaren.

- ...het verplaatsen van mijn enorme individu omstreeks de ochtendstond is een titanenarbeid die boven mijn krachten gaat.

- ... ook mij hangt alles verschrikkelijk de keel uit en voornamelijk mijn eigen individu.

- ... werken hangt me geweldig de keel uit, ik ben luier dan een oude aap en triest als een doodskist.

- Ik heb in mijn leven alles opgeofferd aan de vrijheid van mijn intelligentie.

- Ik heb gisteren zestien uur lang gewerkt, vandaag de hele dag en vanavond heb ik eindelijk de eerste bladzijde voltooid.

- ... bovendien heb ik genoeg van begrafenissen en ik wacht vol ongeduld op de mijne.
- Het is mogelijk dat ik erin verzuip, maar als ik het red, is de aardbol het niet waardig mij te torsen. Enfin, je moet wel een stokpaardje hebben om je in dit hondenleven staande te houden.
(Over zijn roman Bouvard en Pecuchet, die hij door zijn vroegtijdige dood niet meer zou voltooien.)
- U weet wel dat ik u niet uitnodig omdat u te onaangenaam bent met die allesoverheersende gedachte dat u gauw weer moet vertrekken. Als u korter dan een week blijft, wil ik u niet hebben!


Ach, hoe prachtig allemaal. Hieronder een fraaie foto van de Franse meester.

Wijn (2)

Een kleine maand geen updates toegevoegd - schande. Andere bezigheden hielden me van het lezen af. Nu dan toch weer twee nieuwe utigaven, te beginnen met wat eigenlijk geen boek is, maar een cursusmap. Het is de theorie van de wijncursus die M. en ik volgden: De drankenwereld, geschreven door Michel van Tuil. In januari volgt het examen, en dan ben ik hopelijk de trotse bezitter van het wijnbrevet, wat je er ook mee kunt. In deze cursusmap wordt eerst in nogal droge taal uitgelegd hoe het maken van wijn in zijn werk gaat en welke verschillende technieken hierbij worden toegepast. Daarna volgt een rondgang langs de belangrijkste wijnbouwgebieden van de wereld. Veel opsommingen, maar als naslagwerk zal het zeker nog zijn diensten bewijzen. Ik ben nu begonnen met het aarzelend opbouwen van een wijnvoorraad. Het kost allemaal een godsvermogen, maar ik moet erkennen dat ik me sinds kort hoofdschuddend afvraag waarom mensen bij de Albert Heijn zomaar een bulkwijntje meenemen, in plaats van zich te verdiepen in de rijke variatie aan gebieden, domeinen en druivensoorten. Ach ja, iedereen die zich met wijn bezighoudt ontkomt niet aan snobisme, dus vergeef me deze elitaire houding. Van de map kon ik geen omslag op het internet vinden, en hij is te groot om onder de scanner te leggen, dus daarom bovenstaand sfeerplaatje.

26 november 2006

Dramatisch slechte Haitink-biografie

Op 7 november j.l. was het precies 50 jaar geleden dat Bernard Haitink voor het eerst een concert gaf met met Concertgebouworkest. Dat gouden jubileum werd begin deze maand gevierd met een prachtig concert waarbij Haitink een droomprogramma dirigeerde: Mahlers Das Lied von der Erde en Vierde symfonie. Het concert was vele keren uitverkocht, maar ik was erbij. In september ontstond er een relletje. Bij dit jubileum zou aan Haitink het eerste exemplaar van een boek overhandigd worden waarin zijn relatie met het Concertgebouworkest beschreven werd. Haitink had een stukje uit het manuscript mogen lezen, en wees de inhoud af. Communicatief eigenaardig als Haitink altijd al is geweest verklaarde hij dat het boek niet bij het jubileum overhandigd mocht worden, anders zou hij niet komen dirigeren. Enfin, de directie van het Koninklijk Concertgebouworkest trok zijn handen van het boek af, en voldeed aldus aan Haitinks eis. Het concert ging gewoon door, en het boek verscheen een week later in alle stilte. Het is geschreven door Jan Bank en Emile Wennekes, getiteld De klank als handschrift. Bernard Haitink en het Concertgebouworkest.
Afgelopen week las ik dit boek, en ik kan niet anders zeggen dan dat ik zelden zo’n dramatisch slecht boek gelezen heb. Het barst werkelijk van de fouten en slordigheden, is erbarmelijk geschreven, getuigt van haastwerk en lapt alle basisregels van het schrijven van een biografie aan zijn laars. Ik heb alles wat mij opviel in het boek aangetekend, en in een worddocument gezet. Dat telt meer dan tien pagina’s! Liefhebbers moeten maar even als ‘comment’ hun mailadres achterlaten, dan stuur ik het document toe. Het gaat aan het begin al helemaal mis. Op het omslag staat als ondertitel Haitink en het Concertgebouworkest. Op de titelpagina: Bernard Haitink en het Concertgebouworkest. Inhoudelijk misschien een peulenschil, maar boekenmakers gruwen van zo’n misser. Hoe moet het boek voortaan geannoteerd worden? Voorts: ook de eerste regels van het voorwoord zijn een overtreding van de normen en waarden van het (biografisch) boekenschrijven. Je grabbelt wat akkoorden bij elkaar op een piano, maar pas wanneer je voor een orkest staat, begint pas het echte werken. [voetnoot 1]. Zo ongeveer beschreef Bernard Haitink eens het repetitieproces. Het citaat van Haitink is te vinden in het boek Met musici van Jan Brokken, en werd oorspronkelijk in de Haagse Post gepubliceerd. De woorden van Haitink zijn per letter in twee (!) bronnen na te gaan als ook dat de publicatiedata van deze bronnen nauwkeurig zijn te herleiden. En wat zeggen de auteurs, beiden hoogleraar dus kenners van wetenschappelijk onderzoek: zo ongeveer beschreef Bernard Haitink eens… Op dezelfde pagina, bij de derde keer dat de naam van het onderwerp wordt genoemd: Hatink. De auteurs grossieren in tautologieën en pleonasmen. Wat te denken van constructies als: geleidelijk steeds meer, of: de discussie golfde heen en weer, of: internationale broederschap van musici over de nationale grenzen heen. En hoogleraren die het aantal toehoorders zeer te wensen overhield schrijven dienen subiet ontslagen en terugverwezen te worden naar de brugklas vmbo. Wie de zin De blazerssectie vormt doorgaans een toch elastisch en wendbaar accurate slagwerkgroep die als specie tussen de orkestgroepen aaneensmeedt. begrijpt en weet uit te leggen mag het zeggen en krijgt van mij een boekenbon.
Ik wil mezelf geen kenner van de carrière van Haitink noemen, maar heb wel sinds begin jaren tachtig veel over hem gelezen, en veel concerten van Haitink bijgewoond. Als amateur-liefhebber kan ik ettelijke fouten in dit boek aanwijzen. De twee auteurs zijn hoogleraar; Wennekes zelfs hoogleraar Muziekwetenschap. Ze dienen zich diep te schamen!

19 november 2006

Jaren zeventig

Van verschillende kanten werd ik een poosje terug geattendeerd op de boeken van Jonathan Coe, van wie ik nog nooit gehoord had. Ach ja, ik ben geenszins perfect. Daarom eerst begonnen met De Rotters Club, waarvan ook al een vervolg bestaat (De gesloten kring). Dat ga ik zeker lezen, want de inhoud van De Rotters Club is boeiend genoeg om te willen weten hoe het verder gaat met de hoofdpersonen. Dit boek speelt in de jaren zeventig; de hoofdpersonen zijn ongeveer even oud als ikzelf was in die tijd, ook al is dat de enige overeenkomst. Helemaal overtuigd van de opzet van dit boek ben ik niet. Van een (h)echte club is namelijk geenszins sprake. Bovendien ben ik niet overtuigd van de noodzaak om alles vanuit allerlei perspectieven te vertellen. Anders gezegd: mij werd niet duidelijk welk doel deze bonte verzameling perspectieven dient. Het komt me voor dat Coe teveel ineens wilde, want een heleboel verhaallijnen blijven onopgelost. Een slecht boek is dit echter niet; daarvoor heb ik het met teveel plezier gelezen en ook: de tijdgeest is goed te proeven. De onvoorspelbaarheid van die vele verhaallijnen is misschien wel het meest interessante aan het boek, maar als losstaand geheel voldoet het boek niet. Hopelijk biedt De gesloten kring helderheid...

17 november 2006

Generatie Einstein

Voor wie zich wel eens hoofdschuddend afvraagt hoe het ooit goed moet komen met de jeugd van tegenwoordig, is er nu een interessant boek verschenen: Generatie Einstein door Jeroen Boschma en Inez Groen. Het is een leerzaam en verrassend betoog waarin de eigenschappen van de jeugd geboren na 1985 wordt geanalyseerd en verklaard. De ondertitel Communiceren met jongeren van de 21ste eeuw slaat op het uitgangspunt dat het boek vooral bedoeld is voor beroepsbeoefenaren die veel met jongeren te maken hebben. In de laatste hoofdstukken van het boek komt de nadruk te liggen op hoe je als marketeer/reclamemaker de aandacht van jongeren kan trekken. Dat is niet het sterkste deel van het boek. Vooral de analyse van deze generatie (en de vergelijkingen die worden gemaakt met de vorige generaties X en babyboom) is erg boeiend. Enkele vergelijkingen:
Babyboom: protest - bevlogen - identiteit los van ouders en autoriteit
Generatie X: negatief - relativeren - identiteit is erbij horen
Generatie Einstein: positief - serieus - identiteit is oprecht van jezelf
Volgens de auteurs is de huidige jeugd op zoek naar authenticiteit. Liever een saaie oude leraar die zichzelf blijft, dan een vlotte vent die in de smaak probeert te vallen. Het boek behandelt uiteraard ook de problemen van de allochtone jeugd en de rol van de media. Een uitputtende analyse is het zeker niet, en alleen de lange bronnenlijst achterin geeft het een wetenschappelijke verantwoording. Of het allemaal klopt zal de tijd moeten leren. Maar ik moet toegeven dat ik door dit boek een positievere kijk op jongeren heb gekregen dan ik oorspronkelijk had.

Evolutieleer

De thuisreis van India naar Nederland bleek een enorm drama; uiteindelijk deden we er van het hotel in Delhi tot thuis in Amsterdam precies 24 uur over. 8 lange rijen, een vertraagde vlucht, aansluiting in Londen gemist, stressen om nog met een ander toestel mee te mogen etc. Die dag kende één lichtpuntje en dat was het boekje Kaas & de evolutietheorie van Bas Haring, dat ik tijdens de vlucht van Delhi naar Londen in één keer uitlas. Het is een boek geschreven voor jongeren en legt uit hoe het leven ontstond en hoe soorten leven zich ontwikkelden. Kern van Harings betoog is dat soorten niet een bepaalde eigenschap of gedraging ontwikkelden omdat die zo handig bleek. Het is slechts pure selectie: soorten waarvan individuen opeens een bepaalde gedraging vertoonden, bleken beter te kunnen overleven dan soortgenoten die dat niet deden. Het is dan een kwestie van overdracht en tijd (de biologische kopieermachine) om die gedraging bij een soort erin te krijgen. Of door Haring kernachtig samengevat: Doordat alle miljoenen, miljoenen en miljoenen mislukte planten en dieren van de aardbodem verdwijnen en alleen de succesvolle overblijven, lijkt het alsof de planten en dieren door iets slims bedacht zijn. Leuk boekje hoor.

Nederlandse wijnboer

Soms lees je op vakantie een boek dat past bij de reis die je maakt, en soms helemaal niet. In India las ik ook Leven als Gort in Frankrijk van Ilja Gort. Deze van oorsprong componist van reclamemuziek gooide in de jaren '90 het roer om en kocht een verlopen wijnchâteau in de Bordeauxstreek, en wist er binnen een paar jaar een bloeiend en gerespecteerd bedrijf van de maken. In dit boekje doet hij verslag van deze operatie. De stijl is nogal van dik hout zaagt men planken: maandenlang keihard pezen, nahijgend van de stress, ik voelde me of ik de hoofdpersoon was in een vruchtbaarheidsrite van de Boeroeboeroestam in Papoea Nieuw-Guinea, ik kan bijna leunen tegen de overweldigende wolk aftershave die hem omhult. Maar de stijl past ook wel bij de aardigheid van het boekje, waarin je het nodige te weten komt over wijnmaken en de strenge regels waaraan dat moet voldoen. Ilja Gort is natuurlijk vooral een succesvol zakenman, en in dit verhaal smaakt dat succes naar vers stokbrood, rijke salades met olijven en knoflook en naar betaalbare maar perfecte rosé.

13 november 2006

De multiculturele samenleving

Het land van haat en nijd van VN-journalisten Margalith Kleijwegt en Max van Weezel leverde een poosje terug nogal wat ophef op omdat toenmalig minister van Justitie Donner in dit boek zegt dat het invoeren van de sharia in Nederland in principe mogelijk is, mits er voldoende meerderheid is bij kiezers en daarna parlement. De overdreven en hypercorrecte reactie van enkele politici op deze uitspraak tekent de spastische houding van autochtonen tegenover hun vreemde bevolkingsgroepen. Zolang de buren keurig netjes hun vuilniszakken op tijd langs de straatkant zetten en hun hegje netjes knippen, zijn we bereid ze te accepteren. (Ik moet toegeven: ik erger me ook aan onaangepast gedrag, maar dan vooral aan bellers in stiltecoupés in de trein en ouders die met 80 km per uur hun kinderen in de SUV naar school crossen). Dit boekje lees je in een vloek en een zucht uit, en biedt op zich aardige voorbeelden van de tegenstellingen tussen allochtonen en autochtonen, bekeken vanuit beider gezichtspunten. Wat me stoorde aan dit boek is de beperkte blik. Er zijn enkele mensen gevolgd, en die heten dan representatief voor de gehele problematek te zijn. En ook in dit boek is er steeds één partij die de schuld krijgt (PvdA) - zelfs bij Vrij Nederland is men bang om te links gevonden te worden. Wie durft nu eens te roepen dat de VVD toch ook alweer 12 jaar onafgebroken aan de macht is - als daar niet minstens ook een verantwoordelijkheid ligt... De ondertitel 'Hoe Nederland radicaal veranderde' wordt in het boek overigens niet verklaard, want er worden slechts voorbeelden van verandering gegeven, niet de achterliggende redenen ervan. Het boekje heeft me dus vooral ergernis opgeleverd; toch ook daarom was het lezen ervan geen verloren tijd.

12 november 2006

Het nut van geschiedenis

Al voor mijn vakantie in begonnen, en op een verstilde veranda ergens in Rajasthan uitgelezen: Heeft geschiedenis nut? van Maarten van Rossem. Het is een leesbare verzameling stukken over geschiedenis (oorlog), politiek, kunst en cultuur. Het langste stuk, waarin Van Rossem de Tweede Wereldoorlog samenvat, las ik ruim een jaar geleden ook al eens in een aparte uitgave. Het meest interessant zijn echter zijn korte stukjes (eerder in kranten verschenen) over cultuur en politiek. Hierin laat hij zich van zijn origineelste kant zien en word je getrakteerd op eigenzinnige visies die tot nadenken stemmen. Zijn verhandeling over het poldermodel is daarvan een goed voorbeeld. Het boek was bovendien perfect voor het doorkomen van de ellenlange vliegtuiguren. Voor een roman is de afleiding in zo'n aluminium koker vol onrustige mensen en voorbijhollende stewardessen te groot; een boek met korte stukjes over interessante onderwerpen is dan een perfecte match! Op zich een mooi onderwerp voor een aparte log: boeken lezen in verschillende vormen van (openbaar) vervoer. Wie weet.

In memoriam

Inmiddels alweer een hele week terug van vakantie, maar door alle drukte geen tijd en rust gehad om de inmiddels vijf gelezen boeken hier te beschrijven. Volgt snel. Maar toch eerst even aandacht voor Sammiepoes, die tijdens vele leesuren mijn schoot warmhield. Tijdens onze vakantie is hij overleden - hij werd 15 jaar. Hij had een kwaadaardig gezwel in zijn kop, en dat werd hem fataal. Gelukkig logeerde familie in ons huis, dus hij is tijdens zijn laatste dagen geen moment alleen geweest. Ik kreeg hem toen hij 3 maanden oud was, en hij ontpopte zich tot een eigenzinnige kameraad. Het was een fantastische tijd, samen. Hieronder zijn staatsieportret, uit 1999: hij ging er eens goed voor zitten!

20 oktober 2006

Zwevende politici

In navolging van het pamflet Regels zijn regels met daarin het interview dat Paul Witteman met Dorien Pessers had over de zogenaamde daadkracht van Rita Verdonk (zie mijn leeslog van 9 augustus j.l.) nu eenzelfde soort boekje met daarin een gedrukt interview van Witteman met André Rouvoet, onder de titel Zwevende politici. Het interview gaat vooral over het opportunisme van politici in Den Haag, maar ook over Rouvoets wijze van politiek bedrijven in relatie tot zijn bijbelvaste geloof. Geen onaardig boekje, en het leest makkelijk weg, maar ik had er eigenlijk wat meer van verwacht. Rouvoet blijft steken in fraai klinkende algemeenheden, zonder veel concrete voorbeelden met naam en toenaam te geven. En dan houdt het allemaal wat vrijblijvends. Ik ga bij de aanstaande verkiezingen zeker niet op Rouvoet stemmen (over een aantal fundamentele onderwerpen ben ik het zeer met hem oneens), maar ik vind zijn optreden in de Tweede Kamer zeerzeker interessant. Wanneer CDA en VVD geen meerderheid halen bij de verkiezingen (waar ik God op mijn blote knieën voor zal danken) kan de positie van de Christenunie bij de formatie opeens heel belangrijk worden. Rutte heeft de Christenunie al afgewezen als coalitiepartner, en het lijkt me ook onmogelijk dat Rouvoet ervoor gaat zorgen dat Verdonk vice-premier wordt. Maar hoe sterk zijn de principes in het zicht van de regeringsmacht...? In dit boekje zegt hij hier helaas niets over.
Tot begin november even geen updates; ik ben tot dan met vakantie (met een stapeltje boeken).

15 oktober 2006

Wijn

M. en ik volgen sinds kort een wijncursus en rondom die cursus haal ik allerlei boeken over wijn in huis. Het meest prachtig en rijk is de Wijnatlas van Johnson en Robertson. Dat boek kost zo'n € 70,- maar als je het leest en doorbladert is dat eigenlijk spotgoedkoop. Uit de vertaalde reeks 'Bluff your way in...' las ik vandaag Bluffen over Wijn geschreven door Harry Eyres. Het is een klein boekje van (toch nog) 64 pagina's en bevat naast grappige opmerkingen over het snobisme dat de wereld van de wijn omgeeft ook een hoop goede informatie over druivensoorten, terminologie, wijnlanden en wijnhuizen. Eyres is een kenner die het kaf van het koren probeert te scheiden, en dat levert voor zo'n zondag dat verder in het teken staat van werk en een concert vanavond een smakelijk tussendoortje op.

11 oktober 2006

De nieuwe Grunberg

Ik las tot nu toe slechts twee boeken van Arnon Grunberg: Blauwe maandagen en De asielzoeker. De eerste vond ik vreselijk, waarna ik besloot nooit meer iets van Grunberg te lezen. Pas vorig jaar las ik dan toch De asielzoeker, en dat was al een stuk beter, ofschoon nog steeds geen meesterwerk. Van vriendin Maaike kreeg ik twee weken zijn nieuwste roman Tirza cadeau. En daarmee heb ik me heel goed vermaakt. Ik vind deze roman van ruim 400 bladzijden weliswaar 40 procent te dik en al dat quasi-diepzinnige verklaren van feitjes en gedachten voegen weinig toe aan de psychologische diepgang van het boek, maar ondanks deze twee kritiekpunten is het een geslaagd boek. Bij Grunberg valt helemaal niks te lachen en het wordt naarmate het boek vordert alleen maar ellendiger - ik las in een internetrecensie dat er veel lachwekkende scenes in het boek voorkomen. Ben ik nou zo'n zuurpruim...? Het is één en al noodlot in dit boek. De hoofdpersoon doet er ook helemaal niks aan om dat te voorkomen. Het boek leest trouwens als een trein; door drukke werkzaamheden heb ik het boek eigenlijk alleen in intercity's kunnen lezen. Leve het spoor!

30 september 2006

Geheim dagboek deel 18

Wanneer een nieuw deel van het Geheim Dagboek van Hans Warren verschijnt, ben ik altijd heel even volmaakt gelukkig. Dat genoegen zal ik nog drie keer mogen smaken, want dan is het compleet. Ik las de afgelopen week het onlangs verschenen Geheim Dagboek 1990-1992. De inhoud is alleszins vertrouwd: veel over kunst (Warren en Molegraaf kopen voor flinke bedragen bij antiquairs en veilingen, en bezoeken menig museum in binnen- en buitenland), over eten, over contacten met de uitgeverij en over de relatie met M. Op zich gebeurt er weinig schokkends. Maar waarom is het lezen van het dagboek iedere keer toch weer zo'n gelukzalige bezigheid? Ik denk dat het enerzijds ligt aan de vloeiende cadans van de schrijfstijl. Of de teksten overeenkomen met hoe Warren het in de cahiers opschreef zullen we pas weten nadat die eens tentoongesteld worden. In dit Dagboek zijn Warren en Molegraaf druk bezig met de voorbereiding van het 9e en 10e deel, en wat Warren daarover schrijft blijkt dat er wel degelijk flink geredigeerd en geschrapt wordt. Anderzijds zal het lezen van het Dagboek ook zo heerlijk zijn doordat je het leven van Warren en Molegraaf nagenoeg volledig krijgt voorgeschoteld. Het is een geschreven real life-soap, maar dan van de allerbeste soort.

22 september 2006

Sutcliffe

Ben je ervaren van de Engelse schrijver William Sutcliffe heeft het tempo en de stijl van een gemiddelde Giphart. Het gaat over een jong stel dat drie maanden gaat backpacken in India. Al in het vliegtuig treden de eerste haarscheurtjes in de relatie op die uiteindelijk tot een breuk leiden. Het boek is verder een vlotte vertelling over de verdere reiservaringen van de ik-figuur, vol ironische verwijzingen naar alles wat de gemiddelde backpacker typeert: spottende uitspraken over Het Boek (de lonely planet), de yoga- en meditatielessen die samenreizende meisjes nemen, het kopen van inheemse kleding etc. Weinig diepgravend allemaal, maar het boek leest lekker weg (twee treinreizen en een uurtje op het balkon) en als voorbereiding op mijn eigen reis best aardig. Geen meesterwerk, maar ik had eerlijk gezegd slechter verwacht. Vooruit dan maar.

20 september 2006

Lichamelijke oefening

Ik heb ruim twee weken gedaan over dit nieuwste boek van Midas Dekkers over Lichamelijke oefening. Normaliter lees ik hetzelfde aantal pagina's in een dag of vijf. Het lezen van dit boek vereist aandacht omdat het zo'n enorm rijk boek is. Daarnaast had ik ook wat minder tijd om te lezen. Dit lagere tempo zegt echter helemaal niks over de kwaliteit van deze studie: die is wederom hoog. Net als Dekkers' drie voorgaande studies (De vergankelijkheid, Lief dier en De larf) is dit boek een genot om te lezen en om te bekijken. De prachtige illustraties vormen een aanvulling op het betoog van Dekkers, waarin hij het nut en de gezondheidswaarde van sport en lichamelijke oefening ontkracht. 'Bestudeer je de statistiek van leven en dood, dan blijkt sport niet veel uit te maken. Je wordt er nauwelijks ouder van en de maanden die je wint, heb je besteed aan sport. Er zijn maar twee beproefde manieren om ouder te worden. De eerste is oude ouders te hebben. Een hoge leeftijd is erfelijk. Je kunt je vader en moeder niet zorgvuldig genoeg kiezen. Helaas is die keuze al voor je gemaakt. Rest de tweede methode, waarop je veel meer invloed hebt: leer. Volg onderwijs. Hoe meer hoe beter. Uit elke statistiek, vanwaar ook ter wereld, uit welke tijd dan ook, blijkt dat mensen met de hoogste opleiding het gezondst leven en het laatst sterven.' (En voor de duidelijkheid: gezond leven is niet per definitie sporten, maar veleer minder roken en drinken, gezonder eten enzovoort.) Tja, niks tegenin te brengen. Evenmin tegen heel veel andere uitspraken van Dekkers. De hele fitness-manie verwijst Dekkers overtuigend naar de prullenbak. Iets minder eten en met de fiets naar het postkantoor en de bakker is veel effectiever. Daardoor bespaar je noodzakelijke fitness- en sporttijd die je lekker kunt besteden aan luieren en boeken lezen. 'Gemiddeld gaat er jaarlijks duizend kilo eten in uw lichaam om. Om niet aan te komen of af te vallen moet daarvan precies evenveel tot je lichaam worden verbouwd als er wordt afgebroken. Een foutje van 25 gram per dag en je komt in een jaar tijd al negen kilo aan.' Naast dergelijke onverwoestbare meningen geeft Dekkers in aparte hoofdstukken fraaie lessen over de geschiedenis van sport, de Körperkultur in de eerste helft van de 20ste eeuw en de verschillen tussen mensen en dieren. Opvallend: dieren sporten nooit, wat al een sterk bewijs is voor de onzinnigheid ervan. Een verrukkelijk boek!

04 september 2006

Boekenkastproblemen (1)

Ik begin maar eens aan een feuilletonnetje: de boekenkastproblemen. Ik heb er een paar, dus ik kan gerust een (1) achter de titel zetten. Allereerst maar eens het eindeloos opschuiven van alle boeken. Ik heb een rechttoe rechtaan lundiakast van ruim 4,5 meter breed en ruim 2,5 meter hoog. Op de bovenste rij de verzamelde werken, en beginnend op de tweede rij de nederlandse literatuur, direct gevolgd door de buitenlandse/vertaalde literatuur. Daarna de non-fictie, geschiedenis, letterkunde, een qua hoogte ruime plank met boeken uit alle voorgaande genres die daar niet tussen pasten, gevolgd door steeds meer ongeregelde zooi, strips en onzinboekjes, eindigend bij de goudengids, de gemeentewijzer en de foldertjes van de afhaalchinees en de pizzaboer. Deze hele verzameling staat in mijn woonkamer. Daar staat ook nog een antieke kast met kookboeken en in tweevoud de complete Vondel: de wereldbibliotheekeditie in tien delen, en de ééndelige hertaling van Albert Verwey. Ach ja, Gerard Reve zei niet voor niks: 'Voor je het weet is het oorlog en zit je zo weer zonder.' In de studeerkamer staat nog een oude ikea-kavaljer met boeken over klassieke muziek, en naast de computer wat planken met reisgidsen, woordenboeken en fotoalbums.

Dit eerste probleem betreft echter louter de grote lundiakast, waarin het hart van mijn boekenverzameling staat. Het merendeel van de boeken die ik lees komen in die kast terecht. Het imponeert eenieder die hier op bezoek komt en om wederom met Gerard Reve te spreken: 'Je laat zien dat je niet van de straat bent.' In eerdere woningen had ik andere boekenkastsytemen, maar het probleem dat ik hier centraal wil stellen is van alle tijden: het regelmatig de hele inhoud van de kast stukken opzij moeten schuiven, omdat je anders een gelezen boek niet meer op zijn alfabetische plek kwijt kan. Uiteraard verzamel je dan aan de beide uiteinden van de rijen de nodige lucht (ongeveer een centimeter of dertig), in de hoop daarmee lange tijd vooruit te kunnen en voorlopig van dat eeuwige heen en weer schuiven van meters boeken verlost te zijn. Maar nee hoor, voor je er erg in hebt staan de boeken alweer muurvast tussen de steunen en moet je onderin ruimte scheppen en vervolgens zeven planken à 4,5 meter doorschuiven om je laatstgelezen boek van Jeroen Brouwers netjes zijn welverdiende plek te geven. Ik ken mensen die naast hun boekenkast tafeltjes hebben staan waarop recentelijk gelezen boeken in keurige stapeltjes neergelegd worden. Ik heb me lange tijd verbaasd waarom mensen zulke tafeltjes met stapeltjes boeken hadden, terwijl ze - zo dacht ik - die boeken toch ook gewoon in de kast konden zetten. Nu snap ik dat men op die tafeltjes boeken spaarde om tijdens een opruimactie alles op de juiste plek in de kast te zetten. Toch was mijn aanvankelijke verbazing te verklaren. Dikwijls zijn dat speciale, antieke tafeltjes, met kleedjes van ragfijne stof erop waarop de boeken ogenschijnlijk nonchalant zijn neergelegd, maar toch daar lijken opgestapeld als volgens een logisch patroon geordend. Ik heb niks met zulke tafeltjes. Bij mij zou de poes er meteen op gaan zitten en er een puinhoop van maken. Voorts horen boeken niet op stapeltjes, maar staand in de boekenkast. Alles zijn plek; je bewaart de aardappelen ook niet in je videomeubel, en je fotoalbums ook niet in de bijkeuken. Dus geen boeken op tafeltjes, maar in de boekenkast.

Tja, dat doorschuiven. Ik doe het al een jaar of twintig. De verzamelde werken op de bovenste plank bijven netjes op hun plaats. De uitersten links boven (Dag van gramschap in Pompeji van Bertus Aafjes) en rechtsonder (de foldertjes van de afhaalchinees en pizzaboer) zijn eveneens standvastig. Maar alles daartussen schuif ik periodiek heen en weer om ruimte te scheppen voor nog meer boeken.

Het psalmenoproer

De nieuwste roman van Maarten 't Hart over Het psalmenoproer dat in de jaren rond 1775 flinke opschudding veroorzaakte in veel (kerkelijke) gemeentes is geen pageturner, zoals het kostelijke Lotte Weeda wel was. Het tijdeigen taalgebruik vereist dat je als lezer volledig geconcentreerd moet blijven. Ook is het goed dat je de Van Dale bij de hand houdt; wanneer je uit de eerste 50 pagina's alle onbekende woorden trouw opzoekt, heb je daar tijdens de rest van het boek veel profijt van. Ondanks die extra moeite is dit wederom een geslaagd boek van 't Hart, die de laatste jaren louter voortreffelijke titels voortbrengt. Het historische verhaal gaat niet alleen maar over het psalmenoproer (de lange en korte zingtrant), maar evenzeer over de visserijproblematiek. De persoonlijke lotgevallen van de hoofdpersoon en zijn geheime liefde voor Anna lopen weliswaar als een rode draad door alles heen, maar deze vormen zeker niet de kern van het boek. Er zijn ook weer enkele heerlijke passages waarin 't Hart zijn bekende stokpaardjes berijdt (muziek, het aantonen van de onmogelijkheid van sommige bijbelverhalen, anti-roken etc.). En in welke Nederlandse roman krijgen beroemdheden als Mozart (ene Moot Sart), Beethoven (dit beest uit Bonn) en Napoleon en passant als personage een bijrolletje?

01 september 2006

Nieuwe boeken

Ik sta op het punt om te beginnen in Het psalmenoproer, de nieuwe roman van Maarten 't Hart. Vanochtend bezocht ik echter de boekhandel om een cadeau voor iemand te kopen, toen ik er twee boeken zag liggen waarover ik geen enkele seconde nodig had om erover na te denken of ik ze wel zou willen hebben: het nieuwste Geheim Dagboek van Hans Warren (1990-1992) en de vierde studie van Midas Dekkers, dit keer over Lichamelijke opvoeding. Het zijn zeldzaam gelukzalige momenten: boeken aantreffen waarbij je in een flits volstroomt met het zalige vooruitzicht ze te kunnen lezen. Ik begin toch maar gewoon met de nieuwe 't Hart, daar keek ik ook al een poos naar uit.

30 augustus 2006

Primo Levi (2)

In Het respijt vertelt Primo Levi over de periode na de bevrijding van Auschwitz-Birkenau, waarin hij via een enorme omweg naar huis terugkeerde. Die terugreis is als het wakker worden in een koud huis waarbij op het moment van ontwaken de verwarming aanslaat: langzaamaan zie je de schrijver zich realiseren dat er nog een leefbare wereld bestaat, waar het steeds minder onaangenaam wordt. Over de thuiskomst vertelt hij nagenoeg niets. Het boekje is naast een beschrijving van de omzwervingen ook een verzameling anekdotes. Zijn (tijdelijke) reisgenoten komen kleurrijk in beeld en de creativiteit die men aan de dag legt om in leven te blijven of zelfs wat geld te verdienen is boeiende leesstof. Samen met Is dit een mens grootse literatuur!

Wat anders. Ik las Het respijt in de uitgave van het pockethuis van Meulenhoff. Natuurlijk, gebonden boeken zijn het fraaist, maar ik heb niets tegen pockets. Je kunt je afvragen of uitgeverijen er goed aan hebben gedaan om in de herdrukcyclus een goedlopend boek zo snel te laten afdalen van gebonden uitgave en paperback naar goedkope herdruk en daarna een pocket, maar dat is een ander verhaal. Nagenoeg alle grote literaire uitgeverijen hebben een pocketserie. Die van Meulenhoff is het lelijkst door die hopeloze quote op nota bene de rug: lezen is een belevenis. Ik kan me allerlei verkoopbevorderende elementen op voorplat, rug of achterplat van een boek voorstellen, maar deze quote is wel de meest idiote en mislukte die ik ken. Zou er één boekenkoper sneller tot aanschaf van zo'n pockethuispocket overgaan, ten koste van een rainbow, pandora, singelpocket waar die op auteur gerangschikt tussenstaat, vanwege dat lezen is een belevenis op de rug? Ik stel me tenslotte zo'n bijeenkomst voor waarbij een uitgever, redacteur, marketeer en vormgever met quasi-diepzinnige blikken en met de handen in de zakken rond een tafel staan waarop uiteenlopende voorstellen voor omslagen liggen. En dan was iedereen het er dus over eens dat déze vormgeving met die quote de beste is...