Vorig jaar las ik van Julian Budden het eerste deel van zijn driedelige serie boeken over alle opera's van Giuseppe Verdi (hier de weblog ervan). Dit jaar het tweede deel. Omdat bij die eerste 17 eerste opera's de beschrijvingen niet al te lang waren, las ik bij de meeste 's middags de analyse van Budden en beluisterde ik 's avonds de betreffende opera. In The Operas of Verdi. Volume 2 - From Il Trovatore to La Forza del Destino zijn de beschrijvingen van iedere opera veel langer; ik deed er soms drie dagen over. En een enkele opera was te veel van het goede om in één avond te beluisteren. Dit zijn ze, achtereenvolgens: Il Trovatore, La Traviata, Les Vêpres Siciliennes, Simon Boccanegra, Aroldo, Un Ballo in Maschera, La Forza del Destino. Behalve Aroldo (een bewerking van Stiffelio (zie deel 1), hoorde ik alle opera's live. Les Vêpres Siciliennes vind ik de minste van deze zeven, Aroldo verrassend goed, en de andere gewoon fantastisch. Wat een ontwikkeling maakte Verdi door tussen Il Trovatore uit 1853 en La Forza del Destino, waarvan de eerste versie dateert van 1862 en de definitieve zeven jaar later ontstond (maar toen had Verdi intussen al Don Carlos gecomponeerd...). In 2026 het derde deel van deze serie over de laatste vier opera's, met nog langere analyses van Budden. Een heerlijk avontuur, deze serie boeken en de cd-doos met alle opera's van Verdi.
Sinds 1989 houd ik een boekendagboek bij. Eerst op systeemkaartjes, daarna in een schrift. En sinds 2005 hier als weblog.
30 december 2025
21 december 2025
Gespleten
07 december 2025
Pijnlijk
01 december 2025
Imperfectie
Drie jaar na zijn boek over rassen (zie hier) publiceert Midas Dekkers, inmiddels ver in de zeventig, toch weer een nieuw boek: Het menselijk tekort, waarin hij aantoont dat imperfecties de mens menselijk en interessant maken. Perfectie is saai; juist omdat het altijd beter kan blijven we aan onszelf en de anderen werken. Het is een typisch Dekkers-boek: meanderend door de vele aspecten van zijn onderwerp, soms door-ouwehoerend en van de hak op de tak springend, soms met sterk onderbouwde theorieën, en dikwijls erg geestig. Hoogtepunten uit zijn oeuvre blijven De vergankelijkheid, Lief dier, De larf en Lichamelijke opvoeding (zie hier de weblog over de laatste titel; de andere drie las ik nog voor ik in 2005 deze weblog startte). Dat niveau haalde hij in latere boeken en in dit niet. Maar het blijft verrukkelijk om Midas Dekkers te lezen.
26 november 2025
Begin
Trouwe lezers van mijn weblog weten dat ik met graagte de serie boeken Faxen aan Ger lees van Nicolien Mizee. Het laatste, zesde deel las ik in het voorjaar, zie hier. Via de link naar het deel ervoor kom je vanzelf bij de eerdere delen; anders via de auteursindex hiernaast. In dat laatste faxboek verschijnt haar debuutroman Voor God en de Sociale Dienst (in de delen ervoor lees je over het schrijfproces), en bij mijn laatste bezoek aan Nederland trof ik het warempel aan in mijn vertrouwde boekhandel aan het Roelof Hartplein in Amsterdam, waarbij ik, voordat ik naar Portugal verhuisde, tien jaar woonde en veel van mijn boeken kocht. Mizees debuut is op dezelfde leest geschoeid als de faxenboeken: het bestaat uit faxen aan Ger (die hier nog anders heet), en bevatten dezelfde van de-hak-op-de-tak-springende vertellingen die alles bij elkaar toch een eenheid vormen. Het is een uitermate vermakelijk boek. Mizee vond in dit debuut meteen haar stijl. Ik heb meermaals geschaterd. Tja, als ze op vrijersvoeten is, en dan moet kiezen tussen lesbisch schaken of stijldansen...
23 november 2025
Overdaad
02 november 2025
Moeilijk (2)
Dierbaren die mij boeken cadeau doen: hoe onweerstaanbaar. Maar ook: o jee, stel dat ik er niks aan vind. Bij dierbaren kun je dat ook gewoon melden, daar zijn het dierbaren voor. Zo nodig was het niet met dit cadeau (ze gaf me ook het heerlijke boek van Barbara Trapido, zie hier), maar de Verzamelde verhalen van de Oostenrijkse Ingeborg Bachmann bleken moeilijk toegankelijk. Bachmann (1926-1973) was vooral dichteres, maar schreef daarnaast ook verhalen, die door uitgeverij koppernik werkelijk prachtig is uitgegeven in de vertaling van Paul Beers. Bachmann schreef verhalen die me deden denken aan die van Clarice Lispector (zie hier), haar nagenoeg volledig Braziliaanse tijdgenote - ze hebben elkaar waarschijnlijk niet gekend, maar zouden zeker grote verwantschap hebben gevoeld. Zowel Lispector als Bachmann schreven korte verhalen die ongrijpbaar zijn, die (in ieder geval mij) doen denken dat je het niet begrijpt, dat je ondanks al je leeservaring nog niet genoeg gelezen hebt om alles te begrijpen. Maar die tegelijkertijd ook aantrekkingskracht hebben, die proberen een tijdgeest te verwoorden waar je zelf geen verbintenis mee hebt. Enfin, een moeilijk boek, maar ook: een cadeau met een gouden randje.
17 oktober 2025
Normaal
En als aangekondigd (hier) de volgende roman van Sally Rooney, en wederom leest die als een trein. Prachtige wereld, waar ben je is een roman over vriendschap en (prille) liefde van eind twintigers, begin dertigers; van mensen die bezig zijn de wereld en vooral zichzelf te ontdekken en waarin (mis)communicatie voor een hoop gedoe zorgt. Als iemand van zestig lijkt dat allemaal erg puberaal, maar Rooney geeft haar hoofdpersonen de stem van hun leeftijd, en dat alles tegelijkertijd in een vloeiend verhaal. In alle drie romans die ik van Rooney las ontbreekt enige vorm van humor, alsof die voor haar niet bestaat. Dat is zeker een tekortkoming; kennelijk gaan volgens haar eind twintigers en vroege dertigers alleen maar zwaarmoedig door het leven. Maar goed, haar boeken lezen uiterst lekker.
05 oktober 2025
Inlossing (2)
Het werd een jaar later dan beloofd: ik las pas dit jaar het tweede deel van de biografie van Lodewijk van Deyssel: Een vreemdeling op de wegen. Het leven van Lodewijk van Deyssel vanaf 1890. Twee jaar geleden las ik het eerste deel en de reden waarom leg ik in die weblog uitgebreid uit. Zie hier. Van 5 maart tot 5 september dit jaar las ik dit tweede deel, 1430 bladzijden inclusief noten- en bibliografieapparaat en register, waarvan 1151 volbedrukte bladzijden vol leestekst. Naar verhouding tot dat eerste deel over de eerste 26 jaren van Van Deyssel raast biograaf Harry G.M. Prick in dit lijvige tweede deel door de laatste 62 jaren van diens leven. Er gebeurt hoegenaamd steeds minder in Van Deyssels leven, maar Prick weet ook in dit boek het onbenulligste detail tot leven te wekken en vermeldenswaardig te laten zijn. Ik had een Ikea-potloodje bij de hand om grappige of gewoon mooie passages te markeren, zoals deze, toen in 1895 Van Deyssel nog op goed voet leefde met Frederik van Eeden: Zelf hoorde hij (VD) (...) toen iets verluiden over Van Eedens deelname aan een soort harddraverij, die inderdaad plaats zou vinden op zaterdag 25 mei en waarvan Van Eeden de aangenaamste herinneringen bewaarde. Vermoedelijk is hij er onkundig van gebleven dat Van Deyssel zich min of meer verplicht had gevoeld de hippische verrichtingen van zijn vriend te gaan gadeslaan. In de, onjuist gebleken, veronderstelling dat het gebeuren plaatsvond op dinsdagmiddag 28 mei, belandde Van Deyssel weliswaar op een harddraverij (harddraverijen waren toen in het Gooi kennelijk schering en inslag), maar toch niet een zodanige waarop hij Van Eeden aanmoedigend zou hebben kunnen toejuichen. Voor zijn gevoel hield hij, almaar tevergeefs naar Van Eeden uitziend, er een volledig 'verwoeste middag' aan over. Pas als je dit drie keer opnieuw leest, vallen de ironie en details op die je normaliter gedachteloos overleest. En zo gaat het ook in dit tweede deel dus ruim 1100 pagina's door. Van Deyssel moge als literator in de vergetelheid zijn geraakt, ooit komt hij misschien weer aan de oppervlakte. Maar in elk geval was hij aanleiding voor een grandioze biografie in twee delen, zoals er in de Nederlandse letterkundige geschiedenis niet eerder biografieën werden geschreven. Eerder loofde ik de biografie-kunst van Marita Mathijsen (zie hier) en er staat voor dit jaar nog een derde biografie over een Nederlandse schrijver op mijn plank met te lezen boeken, maar Harry G.M. Prick nemen ze niet meer van me af. In de eregalerij van biografen hoort hij zeker thuis!
21 september 2025
Familie
Ik had nog nooit van Philip Snijder gehoord, maar kreeg voor mijn verjaardag een dikke bundel met drie van zijn romans cadeau. Eigen van elkaar. De familieromans is een werkelijk prachtige bundel met, in deze volgorde, Bloed krijg je er nooit meer uit (2016), Het geschenk (2012) en Het smartlappenkwartier (2020). In deze drie romans staan naast de ik-figuur respectievelijk zijn jongere zus, zijn vader en zijn moeder centraal. Het zijn alledrie tragikomische verhalen. De ik-figuur groeit op op het Bickerseiland in Amsterdam, in een volkser dan volkse familie; de halve buurt wordt bewoond door grootouders, tantes, ooms, neven en nichten. De ik-figuur kan goed leren en schaamt zich al snel voor zijn eigen familie. Maar hij komt er ook niet van los. Alledrie de romans zijn op dezelfde manier opgebouwd: hoofdstukken over het heden worden afgewisseld door hoofdstukken over het verleden, en gaandeweg krijg je als lezer meer en meer sympathie voor die volkse familieleden. Het boek bevat een aantal prachtige scènes, uit het leven gegrepen. Daarnaast schrijft Snijder vloeiend, zonder opsmuk; het boek leest als een trein. Een heuse ontdekking. Ik ga zeker meer titels van Snijder opsporen!
11 september 2025
Water
Ik schreef het al vaker: af en toe een thriller is gewoon lekker. Ik had nog nooit van Mathijs Deen gehoord, maar een goede tip bracht me op zijn spoor. Hij schreef al eerder boeken, maar De Hollander is zijn eerste Waddenthriller, waarvan al enkele opvolgers zijn verschenen. Geweldig woord: Waddenthriller, een woord dat de lading van dit boek uitstekend dekt. Drie Duitse wadlopers staan centraal, en twee ervan gaan hun ultieme tocht over het wad maken, aan de Duitse kant van de Eemsmond. Een ervan wordt door de Nederlandse kustwacht dood gevonden op een zandbank waarover Nederland en Duitsland twisten tot welk land die zandbank behoort, en dus wie de afwikkeling van die moord voor zijn rekening mag nemen. Het verhaal komt lekker traag op gang, maar de puzzel wordt uiteindelijk stukje voor stukje gelegd. Deen schrijft mooi, met verstand van zaken van het wad, de zee, scheepvaart enzovoort. Op de auteursfoto op het achterplat zie je Deen met baard en in schipperstrui. Alles klopt! Ik ga de verdere delen zeker ook lezen.
06 september 2025
Nakomer
Mijn verjaardag in juli en bezoek aan het vaderland twee weken later bezorgden me mooie boekencadeaus van auteurs waar ik nog nooit van gehoord had. Ze komen de komende tijd hier voorbij. Van een vriendin kreeg ik van de Engelse schrijfster Barbara Trapido een pas onlangs in het Nederlands vertaalde roman cadeau, terwijl die in Engeland al in 1982 verscheen. De minder bekende broer van Jack is de (intrigerende) vertaalde titel van het oorspronkelijke Brother of the More Famous Jack. De vertaling kreeg juichende recensies als dat het een ontdekking van een vergeten roman was. Het is een pageturner over een ik-persoon Katherine die via haar filosofiedocent en een gezamenlijke kennis in het gezin van die docent wordt ingelijfd. Dat blijkt een vrolijk, boeiend en intellectueel huishouden van Jan Steen waar je aanvankelijk bij denkt dat je ook daarin had willen opgroeien, maar dat uiteindelijk ook zeer vermoeiend blijkt. Enfin, de oneliners vliegen je om de oren, en Trapido componeerde een heerlijk boek. Geen hoogvlieger, maar wel een boek waar je geen spijt van krijgt dat je het gelezen hebt.
01 september 2025
Boekenweek 2025
Het duurde even om het boekenweekgeschenk en en boekenweekessay van dit voorjaar hierheen te krijgen, maar uiteindelijk gelukt en gelezen. Gerwin van der Werf won de novellenwedstrijd met als prijs dat zijn inzending het boekenweekgeschenk van 2025 zou zijn. Ik schreef al eerder dat de voorraad interessante schrijvers voor het geschenk eigenlijk was uitgedroogd, en deze wedstrijd bleek een goed alternatief voor het vooraf aanwijzen van een schrijver die dan het geschenk mocht schrijven. De krater is een soepel lezend verhaal over een zus en twee broers die naar een krater van een meteorietinslag ergens in Duitsland reizen. Het graaft allemaal niet heel diep, maar het is zowel grappig als pakkend. Het zogenaamde redden van een van de broers van zelfmoord haalde ik eerlijk gezegd niet zo snel uit het verhaal, maar goed: vergeleken met het Chabot-boekje van vorig jaar (zie hier) bleek dit geschenk een hele vooruitgang.
Het essay werd geschreven door Paulien Cornelisse en gaat over de vele woorden zonder ogenschijnlijke betekenis die we te pas en te onpas door onze taaluitingen mengen. Hèhè, over wat we zeggen zonder dat we het doorhebben is eveneens erg leesbaar, maar uiteindelijk minder interessant en diepgravend dan het verhaal dat Cornelisse in een podcast met/van Adriaan van Dis vertelde. Ze probeert de nuances van hè(hè), eigenlijk, nou, soms, misschien et cetera weliswaar te doorgronden, maar het blijft allemaal net iets te veel aan de oppervlakte. Van een boekenweekessay kun je geen grondige studie verwachten; maar moge het dan wel de aanleiding daarvoor zijn.
21 augustus 2025
Eindelijk
Ik beluister met veel plezier de podcast van Maarten van Rossem en Tom Jessen. Meestal in de auto; de podcast verandert de dikwijls lange autoritten hier in Portugal in een aangenaam ommetje. Want Van Rossem analyseert scherp en vaak heel erg grappig. Ergens in juli werd tijdens de podcast het idee geopperd om aan boekbesprekingen te beginnen en Van Rossem en Jessen kozen voor een klassieker: Animal Farm van George Orwell. Ik kocht in mei 1983 (ik was toen 17) op de markt in Rotterdam voor anderhalve gulden de Nederlandse vertaling De boerderij der dieren; enkele maanden later het Engelse origineel. Maar ik las beide boekjes nooit. Ik verhuisde beide boekjes minstens 10-15 keer, ook hier naar Portugal. De aankondiging door Van Rossem en Jessen om dit boek te bespreken trok mij uiteindelijk over de streep. Ik las in twee dagen gemakshalve de vertaling, door Anthony Ross, uitgegeven in 1956 in de ABC-reeks van de Arbeiderspers. Tja, ik denk dat de meeste bezoekers van deze boekenlog het al hebben gelezen. Voor een diepgravende en interessante analyse verwijs ik naar de podcast van Maarten van Rossem en Tom Jessen, je kunt die hier horen op YouTube. Maar inderdaad: terecht een klassieker en nog steeds actueel. Weinig boeken die dat een kleine eeuw volhouden.
17 augustus 2025
Perspectief
Nu door de gruwelijkheden in Gaza het Midden-Oosten weer centraal in de belangstelling staat (naast de oorlog in Oekraïne) is er duidelijk behoefte aan achtergrondkennis. Koert Debeuf is hoogleraar internationale politiek en Midden-Oosten aan de Vrije Universiteit Brussel, woonde en verbleef lange tijd in meerdere landen in het Midden-Oosten, en speelde op die behoefte in door zijn kennis in een overzichtelijk boekje van zo'n 200 bladzijden te delen. Wat je moet weten om het Midden-Oosten te begrijpen verscheen afgelopen januari en in mei kocht ik de zesde druk ervan. In 40 bladzijden beschrijft hij in vogelvlucht de oudere geschiedenis van het Midden-Oosten, en in de resterende ruim 150 alles wat er sinds 1919 gebeurde. Van Turkije rondom de Middellandse Zee tot Algerije, en ook meer naar het oosten tot aan Afghanistan. Naast de feitelijke gebeurtenissen (onderlinge oorlogen, revoluties etc.) die ook elders zijn te achterhalen, gaat Debeuf in op hoe inwoners van deze landen naar het Westen kijken. Interessante gedachte van Debeuf: na de Tweede Wereldoorlog richtte het Westen zich op de toekomst, zoiets nooit meer, en we gaan bouwen aan een nieuwe orde die herhaling daarvan moet voorkomen. En die gedachte wil het Westen ook opdringen aan het Midden-Oosten, terwijl daar nog te veel onverwerkt verleden is, waar het Westen een belangrijke veroorzaker van was (en soms nog is). Zeker niet volledig en het laatste woord, maar wel een welkome powerduider.
11 augustus 2025
Erfgoed
Van Jan Brokken las ik als tiener, geabonneerd op de Haagse Post, een geweldig interview met Bernard Haitink; het moet ergens begin jaren tachtig zijn geweest. Dat nummer heb ik nog ergens in een archiefdoos. Later kwam ik dit interview opnieuw tegen in de bundel Met musici, met stukken waarin Brokken meerdere bekende (klassieke) musici interviewde. De laatste twintig jaar las ik meerdere boeken van Brokken (zie de auteurslijst, link hiernaast), maar al een aantal jaar niet meer. Een mooie recensie in NRC Handelsblad over zijn onlangs verschenen De weemoed van de reiziger. 14 plekken, 14 verhalen spoorde me aan weer eens een boek van Jan Brokken ter hand te nemen. Het is een prachtige bundel met veertien stukken over componisten, schilders, schrijvers etc. waar Brokken vanuit de plaatsen waar die kunstenaars geleefd hebben over vertelt. Brokken koppelt zodoende reisbeschrijving aan culturele geschiedenis. Een bijzonder krachtige combinatie, zeker wanneer er met zoveel eerbied, eruditie en ja: ook weemoed over wordt geschreven: Afscheid van Boedapest, over hoe Béla Bartók in oktober 1940 zijn laatste concert in Boedapest gaf voordat hij naar de Verenigde Staten reisde (zijn vrouw was Joods), en nooit meer terugkwam. Klaagzang van Ariadne, over dit aangrijpende stuk muziek van Claudio Monteverdi, het enig overgebleven deeltje uit zijn opera l'Arianna dat verder verloren is gegaan, maar dat de sleutel tot het echte begrip over diens oeuvre schijnt te zijn. Wie daarvan het manuscript weet te vinden (mocht het nog ergens liggen), wacht enorme rijkdom en eeuwige roem... Enfin, nóg twaalf van zulke bijzonder interessante en mooie verhalen. Een prachtig rijk boek.
06 augustus 2025
Spaghetti
24 juli 2025
Knipperlicht
Eerder dit jaar las ik het succesvolle Intermezzo, de vierde roman van de Ierse schrijfster Sally Rooney (zie hier de weblog). Ik kocht daarna een tweetal eerdere romans van haar, en las eerst Normale mensen, een roman uit 2019 - ik las de 37ste druk van de Nederlandse vertaling! Met een boek als een meesterwerk betitelen moet je voorzichtig zijn; ook met superlatieven, zoals het citaat op het achterplat uit een Volkskrant-recensie waarin gesproken wordt van 'verbijsterend meesterschap'. Maar goed, Normale mensen is wel een goede roman, wat mij betreft vooral omdat het in de kern over een heel alledaags verschijnsel gaat: het ontstaan van een vriendschap tussen twee jongelui, later liefde inclusief alle (on)zekerheden die daarbij horen, de invloed van leeftijdgenoten enzovoort. Door de directe stijl van Rooney - zonder al te veel omhaal van woorden zegt ze hoe het is en gaat - lees je een verhaal zoals het in het werkelijke leven heel vaak zo gaat. Eigenlijk weinig bijzonders zou je denken, maar je leest het boek vol concentratie. De andere roman die ik kocht komt hier zeker ook spoedig voorbij.
12 juli 2025
Nieuw
Artificial Intelligence (AI) is helemaal hot, en wellicht gaat het voor een revolutie zorgen in veel aspecten van ons leven, vergelijkbaar met voorheen internet en de smartphone. Ruim twee jaar geleden liet ik ChatGPT een weblog over een boek van Jeroen Brouwers schrijven (zie hier), maar dat was eigenlijk het eerste en laatste wat ik met AI deed. Ik vond dat ik te oud en eigenwijs ben om me erin te verdiepen (het-zal-mijn-tijd-wel-durensyndroom, zoiets...) maar gaandeweg werd ik er toch steeds meer in geïnteresseerd. Bij een eerder bezoek aan het vaderland zag ik bij een vriend het boek Co-intelligentie. Slimmer werken met AI van Ethan Mollick liggen en ik dacht: ik koop het op Schiphol op mijn weg naar huis. Maar die bijna 30 euro voor een hoogstwaarschijnlijk oppervlakkig managementboekachtig verhaal vond ik te veel. Bij het laatste bezoek aan Nederland kreeg ik het boek van die vriend te leen en ik las het grotendeels op kruishoogte in vliegtuigen. Het is een interessant boek, beter dan verwacht. Het biedt een overzicht van de mogelijkheden van AI (niet alleen ChatGPT) en wijst ook vooruit in de tijd. We staan immers nog maar aan het begin van de ontwikkeling ervan, en over twee, vijf of acht jaar zal de kennis uit dit boek waarschijnlijk achterhaald, en de impact van AI exponentieel veranderd zijn. De moestuin twee steken diep omspitten kan niet met AI (helaas), maar alles wat we digitaal doen zal erdoor beïnvloed of wezenlijk veranderd worden. Dat is de boodschap van dit boek. Ik weet echter nog steeds niet of ik me er nog verder in ga verdiepen. Ik heb me wel geabonneerd op de nieuwsbrieven die je via de QR-code in dit boek kunt ontvangen.
06 juli 2025
(On)bewust
Zo'n vijf jaar geleden las ik vier boeken van de Nijmeegse hoogleraar Psychologie Ab Dijksterhuis. Zie hier de laatste, en in die weblog ook links naar de eerder gelezen boeken. Ik kocht in die tijd ook een vijfde boek, maar dat bleef al die jaren op mijn plankje met te lezen boeken staan. Tot nu; ik las het hoofdzakelijk op de vliegvelden en in de vliegtuigen vanuit Lissabon via Milaan naar Nederland en terug. Vliegen is wachten in overprikkelde omgevingen, en dan kun je het best met een koptelefoon met omgevingsgeluidonderdrukking een niet al te ingewikkeld boek lezen. Het slimme onbewuste. Denken met gevoel is - ik kan wel zeggen - een typisch Dijksterhuis-boek. Aardig om te lezen, populair-wetenschappelijk en niet al te diepgaand. De boodschap is vrij eenduidig en die wordt door korte, heldere beschrijvingen van wetenschappelijke onderzoeken onderbouwd. Uit de titel (en ook het omslagbeeld) wordt die boodschap al duidelijk. In tegenstelling tot wat velen denken wordt ons denken en doen niet geleid door rationaliteit, maar vooral bepaald door ons onbewuste. En op dat onbewuste hebben we weinig invloed. We zijn wie we zijn en dat onbewuste is moeilijk te beïnvloeden. Geen schokkend verhaal, maar wel prettig leesbaar.
27 juni 2025
Woest
Ik had het bekroonde en gelauwerde Het lied van ooievaar en dromedaris al een kleine twee jaar in de kast staan - de roman van Anjet Daanje dateert van voorjaar 2022 - en ik besloot pas nu het te lezen. NRC Handelsblad publiceerde de vijftig beste Nederlandstalige boeken van deze eeuw, en zowel de recensenten als de lezers plaatsen dit boek op nummer 1. Ik ga het hier niet samenvatten want dat is eigenlijk onmogelijk, maar ik heb het boek met lange tanden uitgelezen. Veellezende vrienden kwamen er niet doorheen, anderen vonden het prachtig. Wat me het meest stoorde was dat Het lied van ooievaar en dromedaris de suggestie wekt dat je Wuthering Heights van Charlotte Brönte tot in detail moet kennen om tot de kern van dit boek door te kunnen dringen. Verder ontging me de bedoeling van deze roman; ik zat mezelf voortdurend af te vragen of ik wel snapte wat ik las. Ja, ik zag heus wel het verband tussen de elf verhalen, maar dikwijls vond ik alles willekeurig, of beter: te bedacht. Het woord dood (vaak met hoofdletter) is geloof ik het meestgebruikte woord in dit boek; het is allemaal zo grauw en triest in al die verhalen. Een deprimerend boek.
16 juni 2025
Klok
Een klein jaar geleden las ik voor het eerst een thriller van Steve Cavanagh (zie hier de weblog) en nu de volgende. Het pleidooi is wederom een uiterst spannend boek dat je moeilijk weglegt, en waarin meerdere ogenschijnlijk bevriende entiteiten (de FBI, het advocatenkantoor van de vrouw van de hoofdpersoon, rechters etc.) uiteindelijk niet altijd echt vriendelijk zijn. Enfin, Cavanagh biedt je een achtbaan aan ontwikkelingen, en toen ik dit boek ruim een maand geleden las en het hier in Portugal nog steeds regende en guur was, bleek dit een uitstekende houvast om het weekend bij de houtkachel door te brengen. Zoals ik al zei: af en toe een thriller is heerlijk.
31 mei 2025
Schrift
Vijf jaar geleden, aan het begin van de eerste Corona-lockdown, las ik De pest van Albert Camus, zie hier de weblog. En vorig jaar verscheen een privé-domeinuitgave Laatste cahiers 1951-1959, dat ik nu las. Camus maakte tussen 1935 en 1959 in negen schriften aantekeningen, waarvan dit boek de volledige vertaling is van de laatste drie. Er werden eerder bloemlezingen uit cahiers in het Nederlands gepubliceerd, maar dit is een eerste volledige vertaling van die (laatste drie) cahiers. Het zijn geen dagboeken; Camus noteerde losse gedachten, aanzetten voor nieuwe romans en reisbeschrijvingen door elkaar heen. Niet alles even toegankelijk, maar de beschrijvingen van reizen naar Griekenland en Italië zijn prachtig. Tegelijkertijd krijg je een indruk van de wijze waarop Camus nadacht over toekomstig werk. Een vertaling van de eerdere Cahiers zou zeker welkom zijn, ook al zullen die boeken niet met stapels tegelijkertijd de boekwinkel uitvliegen. Camus kwam begin januari 1960 op 46-jarige leeftijd bij een auto-ongeluk om het leven; getuige deze laatste cahiers had hij nog enorm veel in petto.
20 april 2025
Fax6
In het zesde deel van de Faxen aan Ger Ik kus uw handen duizendmaal van Nicolien Mizee verschijnt haar debuutroman, en die verschijning brengt anders dan verwacht weinig gedoe met zich mee. Het kan haar eigenlijk niet heel veel schelen hoe het boek ontvangen wordt. De voorbereiding van die verschijning, beschreven in het vijfde faxendeel (zie hier) is veel dramatischer. Vervolgens de gebruikelijke trammelant met haar ouders en vrienden, maar heel explosief of hilarisch wordt het nergens. Totdat Mizee aan het einde van dit boek twee weken naar Brazilië gaat. Het reisverslag is werkelijk subliem en uiterst grappig. Het hoogtepunt van dit boek!
26 maart 2025
Moeder
Ruim een jaar geleden las ik na lange tijd twee boeken van Adriaan van Dis (zie hier de weblog) en die nodigden uit meer van hem te lezen, boeken die ik al die jaren had overgeslagen. Ik begon afgelopen september in Ik kom terug, maar er bleek een katern in die uitgave te ontbreken: pagina 128 sprong opeens naar pagina 161. Via de boekhandel en een vriend die op bezoek kwam kreeg ik maanden later een goed exemplaar; ik las het nu helemaal opnieuw. Ik vind het het beste wat ik van Van Dis gelezen heb. Centraal staat zijn moeder van in de negentig die de ik-figuur (Adriaan van Dis) opdraagt een euthanasie-medicijn te regelen. Hijzelf wil alle herinneringen uit haar halen zolang als het kan. Resultaat is een geweldig spel van tegen- en meewerken, moeder en zoon die elkaar liefhebben en haten, niet zonder elkaar kunnen maar elkaar ook liever kwijt zijn dan rijk. Van Dis schrijft het allemaal bijzonder rauw op, thematiek uit eerdere boeken verbindend en verdiepend. Prachtig!
17 maart 2025
Broers
Als je op Tiktok wat booktoks volgt, dan komt de nieuwste roman van de Ierse schrijfster Sally Rooney steevast voorbij. Vooral bij jongere tiktokkers! Intermezzo, haar vierde roman, kreeg in de NRC een lovende recensie, terwijl ik daarvoor nog niet eerder van Rooney had gehoord. Ik kocht het boek bij mijn laatste bezoek aan Nederland en las het in een paar dagen uit. Het is uitermate intrigerend, door de thematiek en door de (grammaticale) stijl. Het verhaal gaat over twee broers, de een begin dertig, de ander tien jaar jonger, en beide totaal verschillend. De oudste, Peter, is goodlooking, advocaat. De jongste, Ivan, is in zichzelf gekeerd, nerd, schaker. Peter had en heeft relaties, Ivan krijgt er een, en die relaties hebben invloed op hun onderlinge relatie. Rooney ontleedt het krijgen en onderhouden van een relatie tot op het bot, en voegt er met de broer-broer-relatie nog een dimensie aan toe. Dialogen, gedachten, perspectieven: alles loopt door de afwezigheid van interpunctie door elkaar heen en dat maakt het geheel bijzonder krachtig. Een eigentijdse, aparte roman, zeer lezenswaardig.
24 februari 2025
Tweedeling
Na Onze avonden van Alan Hollinghurst (hier) een volgende Engelse roman die in de NRC een lovende recensie kreeg, dus vooruit. Caledonian Road van Andrew O'Hagan is een bijna 600 pagina's dikke post-Brexitroman die leest als een thriller, en die verschillende lagen van de Britse samenleving verenigt. Hoofdpersoon is de kunsthistoricus Campbell Flynn die via zijn vrouw lijnen heeft met adellijke families (er is zelfs een lijn met de koningin), maar tegelijkertijd door een van zijn studenten wordt gesaboteerd; die student heeft vrienden in de drugswereld. Er zijn meerdere verhaallijnen die toch met elkaar verweven zijn. Veelal tragisch, er vallen doden, maar dikwijls ook uiterst hilarisch. Prachtig zijn de dialogen in de hoogste kringen: iedereen praat op verheven toon langs elkaar heen. Het diner in het sterrenrestaurant in Rejkjavik: de ironie spat van de bladzijde. En: criminaliteit is van alle rangen en standen. Een ultiem meesterwerk wil ik het boek niet noemen maar zulke boeken lees ik met eindeloos genoegen.
30 januari 2025
Memoires
Van de Engelse schrijver Alan Hollinghurst las ik eerder drie romans, waarvan ik twee in deze weblog besprak (hier en hier). Hollinghurst neemt de tijd voor een nieuwe roman; dat tekent de goede schrijver. Dit keer nam hij zeven jaar voor Onze Avonden dat in het afgelopen najaar verscheen. In deze vijfhonderd pagina's weelderige roman vertelt Dave Win zijn levensverhaal. Van rijke mensen krijgt hij een beurs om aan een goede school te studeren, en hij ontwikkelt zich tot een bekende toneelspeler en tv-acteur. Hollinghurst strooit met titels van Engelse toneelstukken; alleen verstokte Engelse toneelliefhebbers zullen dat begrijpen. Dave werd verwekt in Birma waar zijn Engelse moeder iets kort met een Birmees had; als halfbloed en homoseksueel beleeft Dave ondanks zijn bekendheid de nodige racistische momenten. Net als in zijn eerdere romans schreef Hollinghurst een zeer lezenswaardig verhaal dat je moeilijk weglegt. Ik las het boek in een dag of vier. Er gebeurt van alles, er zijn meerdere lagen en het is daardoor geenszins eendimensionaal. Maar ik vind dat Hollinghurst er ook iets te veel in wilde stoppen: er zijn de nodige open eindjes. Met name de relatie met de zoon van die rijke ouders Giles, en toch ook zijn eigen coming out. Beide elementen hadden nog zo'n honderd pagina's meer verdiend. Desondanks een heerlijk boek met wat tekortkomingen dat ik niet had willen missen.
27 januari 2025
Betje
Het lezen van goede biografieën is verrukkelijk; ik denk er wel eens aan een heel jaar lang alleen maar biografieën te lezen. Die gaan veelal ook over de tijd waarin het onderwerp van de biografie leefde, dus het zijn beschrijvingen van een leven en de tijd(geest) ineen. Ik las de afgelopen jaren biografieën van onder andere Willem Mengelberg (hier en hier), Beethoven (hier), Schubert (hier), Lodewijk van Deyssel (het eerste deel hier - deel twee volgt nog), Jan Wolkers (hier) en Jacob van Lennep (hier). Deze laatste werd geschreven door Marita Mathijsen, en sindsdien wijdde ze - ver in de zeventig - ruim twee jaar aan een volgende biografie. Een vrije geest. Het uitzonderlijke leven van Betje Wolff is net als de Van Lennep-biografie een feest om te lezen. Betje Wolff, geboren Bekker (1738-1804) trouwde vroeg in de twintig met de veel oudere dominee Wolff, die haar vanuit Vlissingen meenam naar de klei/modder van de Beemster. Na zijn overlijden leerde ze Aagje Deken kennen en samen leefden ze nog zo'n veertig jaar samen. Betje overleed als eerste aan kanker, Aagje tien dagen later aan een gebroken hart. Het koppel is bekend door de (verrukkelijke) brievenroman Sara Burgerhart, maar ze schreven samen nog vele duizenden pagina's meer, vooral Betje. Na de dood van dominee Wolff gingen Wolff en Deken samenwonen in De Rijp, daarna Beverwijk en vervolgens trokken ze in 1788 naar het Franse Trévoux, ergens in de zuidelijke Bourgogne, waar ze de Franse revolutie ondergingen (en overleefden) en in 1797 weer naar Holland terugkeerden. Mathijsen brengt Betje Wolff tot leven als een eigenzinnige, vooruitstrevende vrouw die zich volledig op eigen kracht een prominente plaats in de laat-achttiende eeuwse Nederlandse letterkunde bezorgde. Het was een suffe tijd in Nederland, historisch gezien, maar Mathijsen maakt duidelijk dat toen de kiem werd gelegd voor grote veranderingen, en dat Betje Wolff daar een aandeel in had. Marita Mathijsen is emeritus-hoogleraar Nederlandse Literatuur en wat had ik graag college van haar gehad. Ze schrijft geweldig: zo wil je biografieën lezen. Ze maakt duidelijk scheiding tussen feiten en interpretatie, zoals het een wetenschapper betaamt, zonder dat het de leesbaarheid negatief beïnvloedt. Hoe simpel dit ook lijkt: het is een grootse prestatie! Mathijsen is inmiddels tachtig, en ik hoop dat ze nog zoveel jaren van gezond leven en werkkracht heeft dat ze nog meer mooie boeken kan schrijven.
20 januari 2025
Weelde
Het laatste boek van 2024: Geheim dagboek 1996-1998 van Hans Warren. Afgelopen augustus las ik het voorgaande deel (zie hier) en dit 20ste deel las ik voor de eerste keer in 2008 en toen had ik deze weblog ook al, zie hier. Ik heb aan die eerste beschrijving en die van het vorige deel weinig toe te voegen. Wel: Warren wordt 75 en krijgt een overzichtstentoonstelling in Middelburg, en zijn gezondheid gaat achteruit. Daar is hij zelf debet aan: hij laat lichamelijke problemen op zijn beloop om maar niet naar de dokter, tandarts etc. te hoeven. Hierna nog twee delen, die komen in 2025 zeker voorbij, en dan heb ik de hele serie voor de tweede keer gelezen.
05 januari 2025
17 keer
Twee jaar geleden las ik een vuistdikke biografie van Giuseppe Verdi (hier de weblog), een van de componisten van wiens muziek ik geen genoeg kan krijgen. Ik hoorde zijn opera's Simone Boccanegra (weblog hier), Un ballo in maschera (hier) en vorige maand La forza del destino (hier) in de Scala van Milaan, en vele andere in Amsterdam, Verona en Lissabon. Die biografie gaf de feiten, maar niet de sleutel tot het mysterie van deze componist: hoe is het mogelijk dat iemand zulke vloeiende, aangrijpende en briljante muziek kan schrijven? Ik kreeg na die weblog over de biografie een aanbeveling de driedelige beschrijving door Julian Budden van alle Verdi-opera's te lezen. Ik kocht een jaar geleden het eerste deel van die drie. In The Operas of Verdi. Volume 1 - From Oberto to Rigoletto krijgen alle eerste 17 opera's van Verdi een uitgebreide analyse. Hier komen ze, achtereenvolgens: Oberto, Un Giorno di Regno, Nabucco, I Lombardi, Ernani, I Due Foscari, Giovanna d'Arco, Alzira, Attila, Macbeth, I Masnadieri, Jérusalem, Il Corsaro, La Battaglia di Legnano, Luisa Miller, Stiffelio, Rigoletto. En ik heb ze allemaal beluisterd dit jaar. Ik kocht ooit een cd-box met alle opera's van Verdi, vandaar. Ik las 's middags eerst die analyse, en 's avonds luisterde ik de cd-opname. Dat was soms verrassend, maar vaak ook teleurstellend. Nabucco, Ernani, Macbeth en Rigoletto zijn grandioze opera's, maar daaromheen componeerde Verdi ook veel moetjes en net niet geslaagde stukken. Enfin, het was soms hard werken, maar wat een productie: Verdi componeerde deze 17 opera's tussen 1839 en 1851, in 12 jaar dus... Hierna de volgende twee delen, met op een enkeling na alleen maar meesterwerken. En daarna misschien weer gewoon opnieuw bij het begin.































